Focus! of toch niet?

                                  schoenboot    bootschoen

Focus richt de aandacht.

Een telelens helpt. Die geeft zo’n mooie wazige achtergrond, zodat het onderwerp er uit springt.

klaproos

Een telelens haalt dingen die ver weg zijn dichtbij.

Focus ook.

Mijn theatervoorstelling is er gekomen omdat ik alle andere dingen die ook leuk waren opzij heb gezet.

Dat hielp enorm. Want er was heel erg veel dat ik ook leuk vond. Ik holde overal achterna, met een dat-moet-ik-ook-kunnen hijgerigheid.

Focus zorgde voor rust.

En de voorstelling die ik droomde bestaat nu echt!

Maar gek genoeg zorgde focus ook weer voor de onrust.

Het afgelopen jaar ben ik alleen maar bezig geweest om bezoekers te krijgen voor die voorstelling. Na elke mislukking kroop ik weer op om iets anders te proberen. Ik had immers mijn focus.

Er ontstond een ander soort hijgerigheid. Een verbetenheid.

Het plezier ging er uit.

Dat plezier kwam pas terug toen ik de focus los liet. Ik zette als het ware een groothoeklens op. Voor en achtergrond werden beiden scherp, en ik zag ook weer wat er in mijn ooghoeken gebeurde.

En ik deed een ontdekking. Een oude liefde kwam voorbij.

Er is meer dan dat theater waar ik hartstochtelijk verliefd op kan worden.

Ik liet het zelf theater niet los, maar wel de focus. De afstand die ik nu neem is zelfs goed, want ik zat er te dicht bovenop, kon niet meer goed relativeren.

Er is ook wel een beetje verwarring hoor. Want nu zijn er twee dingen waar ik mijn aandacht op richt. (Nog een stuk beter dan die 100 van vroeger). “Kan dat wel?” roept een stemmetje. Maar ik weet dat het ’t hijgerige stemmetje is dat roept.

Want het kan. Het stroomt, en ik heb plezier.

Nee, ik weet niet hoe het verder gaat. Ik weet wel dát het tenminste weer verder gaat.

Telelens en groothoek.

Ze zijn beide nodig. Zodra er iets gaat hijgen, het plezier verdwijnt is het misschien handig om over te schakelen naar een ander objectief.

allesscherp

Dit blog hoort bij de #kommaarop van deze maand.

Ik verkoop niks, want je kunt het zelf

Workshops.

Staat er, in het menu hierboven.

Omdat ik dacht dat ik die zou gaan verkopen.

Maar, als ik eerlijk ben. . .

Kijk, het zit zo.

Leraar zijn en vertellen hebben mijn hart gestolen.

Het geven van workshops komt pas op de tweede plek.

Dat is omdat contact met kinderen me meer laat voelen dan contact met volwassenen, merk ik.

Maar het is ook omdat ik niet kan verkopen.

En dat is omdat ik geen reden kan bedenken waarom mensen nu speciaal bij mij een workshop zouden moeten volgen. Echt niet. Ik ga niet bepalen wat mensen nodig hebben. En ik pretendeer ook niet dat ik iemand van zijn of haar problemen af kan helpen. Het enige dat ik kan garanderen is dat er iets moois gebeurt als je je open stelt. De interactie aan gaat. En dat kun je gewoon ook zelf regelen.

Ik heb ooit een tijdlang een fanclub Spiegologie gedaan. Dat was prachtig van opzet. Want simpel. Willem de Ridder heeft met zijn spiegologie geen nieuwe boodschap. Niet alleen omdat Spiegologie al zo’n 15 jaar oud is. Die wijsheden zijn allemaal veel ouder. Spiegologie was wel nieuw omdat Willem geen goeroe is.

Je kunt het zelf.

Met elkaar.

Gewoon afspreken.

Dat is waar die fanclubs over gingen. Zonder verdienmodel.

Klasse!

Want workshops zoals ik die geef, werken omdat er mooie dingen ontstaan in de interactie. Een goede workshopbegeleider kan de juiste sfeer creëren. Maar dat kun je met elkaar ook. Het enige dat daar voor nodig is, is de intentie. Met elkaar de moed om de diepte in te stappen, écht contact te maken.

(Note to self: niet meer dat woordje “écht” gebruiken)

Ik heb de interne overtuiging dat die workshops die ik geef dus helemaal niet zo nodig zijn. Ze zijn leuk, en geweldig en een prachtervaring en zo. Maar je kunt dat gewoon zelf creëren. Afspreken, bij elkaar komen. En dan de jezelf laten zien. Niet er omheen draaien.

En je weet zelf donders goed wanneer je er om heen draait.

Maar de verleiding is te groot.

Om heen te draaien, om lekker veilig aan de oppervlakte te blijven. Dat is waarom je met elkaar moet afspreken om er niet in te trappen. Alleen als je allemaal met die intentie start, gaat het gebeuren, zonder dat je het hoeft te forceren. Forceren is nooit een goed idee. Die diepte ga je alleen in omdat je daarvoor kiest. Het is niet fijn om daar onverwacht in gesleurd te worden.

Als je je daar aan houdt kun je het dus gewoon zelf.

Ik wil best eens een  workshop geven om te laten zien hoe dat werkt. De diepte in, en daar ontdekken. Dus als je er echt niet zelf uit komt . . .

O, wacht je kun ook 14 oktober naar Wijchen komen. 

(Nou ja, ik verkoop bijna niks dus. En geloof me, of geloof me niet, deze blogpost begon niet als aanloop naar dit evenement. Maar ik durf er wel reclame voor te maken. Want 12,50 inclusief consumptie is erg weinig geld voor een fijne avond, waar je ook heel veel andere mooie mensen ontmoet. En met een beetje geluk kun je daar ter plekke afspreken om samen je eigen workshops of fanclub te regelen.)

Inspiratiecafé Wijchen, 14 oktober

Je bent van harte welkom. En daarna doe je het gewoon zelf. (Of je begint nu al, gewoon, omdat het kan.)

 

Goh, dat bedenk ik nu pas. Dat is dus precies waarom werken met kinderen zo mooi is. Dat is namelijk nooit oppervlakkig.

 

 

en ja hoor, daar komt de creativiteit

Ik heb vandaag geschaakt, gevoetbald, gejongleerd, ben hoogspringlijn geweest, heb een Chinese muur gebouwd in een zandbak, en ik heb weer erg veel gezien.

Twee keer heb ik een leerling gevraagd mee te gaan naar een rustige ruimte, omdat ik hem niet verstond, en we er niet uitkwamen in de herrie. En dat was helemaal geen probleem.

Eén keer moest ik veters strikken. (Nou ja, ik had ze al gestrikt, maar ze moesten iets losser)

De andere keer kreeg ik uitleg bij een bouwtekening voor een helikopter. Dat had ik er echt niet uitgehaald, die helikopter. Tekening wel, maar bouwtekening ook niet. Met de juiste context kan ik een hoop verstaan, maar op een school waar echt van alles gebeurt is de context soms ver te zoeken.

Er komt een meisje naar me toe. Ze heeft iets, of wil iets laten zien. Maar wat? Drie keer herhalen werkt niet.

En dan komt een andere leerling met de oplossing. Hij wijst naar zijn tanden. En wiebelt daarna met zijn handen. Ze heeft een wiebeltand!

Wat een prachtige tolk! Wat geweldig goed gevonden.

Hier wordt ik blij van.

 

Dit stuk is onderdeel van mijn ontdekkingstocht op democratische basisschool De Vallei.

De andere stukken staan hier.

 

soms is gelijk krijgen leuk

Ik was woensdag op een onderwijsconferentie, en vandaag schreef ik mijn blog voor HetKind over die conferentie. Ik kon alles nog even nalezen, want ik had woensdag een schrijftolk bij me.

Ik lees de woorden van een hoogleraar. En die meneer zegt zomaar wat ik al eerder in blogs beweerde.

Meten is doden. en Wat is het dat we meten?

Die blogs van mij, die waren vanuit een soort gut-feeling geschreven. Een gevoel dat het niet klopt. En nu hoor ik een verhaal waarin heel zorgvuldig uit de doeken wordt gedaan dat het ook niet klopt. Dat die neiging om alles te meten, en in protocollen te stoppen meer kapot maakt dan je lief is.

Er worden scherpe vragen gesteld over de manier waarop we het onderwijs nu regelen. Het mooie is dat ik bij al die vragen weet: Dat doet die school waar ik nu stage loopt goed!

Jee, wat is dit een ordinair zie-je-wel-ik-had-gelijk blog. Maar ik vind dat ik dat een keer mag. Ik zet genoeg vraagtekens bij mijn eigen gedachten, een uitroepteken mag ook wel eens een keer.

Hink stap sprong 9

AANLOOP

 

Dit riep een herinnering aan herinneringen op. Aan de manier waarop herinneringen zich aan elkaar vast kunnen plakken, en groepjes vormen.

Eigenlijk zoals mijn HINK-STAP-SPRONG blogs ontstaan. Associaties. En sommige associaties zijn dus blijvend aan elkaar gekoppeld.

HINK

Ik was op zoek naar een woord daarvoor. Voor zo’n setje herinneringen. Want ‘setje’ is niet mooi.

Pocket kwam in me op.  Ik ben geen purist, maar ik wilde hier geen Engels woord voor.

Pocket > Zak, Zakje?

Nee, dan zie ik een plastic zakje voor me. Dat is niet het beeld dat ik wil.

Zak klopte wel, maar dan een broekzak. Die vol raakt met alles wat je zo al tegen komt. En als je hem dan leegt, heb je een mooie verzameling van alles wat je opgepakt en meegenomen hebt, onderweg.

Herinering-broekzak.

Dat werd hem.

 

 

STAP

Waarom werkte dat ‘pocket’ nou wel, en die ‘zak’ niet?

Opeens werd mij duidelijk waarom ik Engels, Engelse woorden, zo mooi vindt. Omdat ik die taal niet voor alledaagse dingen gebruik. Die taal kom ik bijna alleen maar tegen in boeken of films.

Dus Engels is de taal waarin het altijd mooi gezegd wordt. Waarin alles een betekenis heeft. En niet dat alledaagse geneuzel.

Want in het Nederlands is een zakje het boterhamzakje dat elke dag weer gevuld wordt met een saaie boterham met pindakaas.

Nederlands gebruik ik elke dag, en de woorden zijn dus aan slijtage onderhevig.

Engelse woorden blijven veel langer hun broekzak-herinnering magie houden.

 

SPRONG

Misschien is dat de reden dat ik niet van vertalingen houd. Nog even los van het feit dat sommige vertalingen erg lelijk zijn.

Dat ik liever Engels lees, zelfs als er moeilijk stukken in zitten die ik niet zo snel begrijp.

Mijn eerste kennismaking met Shakespeare ..

(nee ik ga niet elitair zitten doen, want ik heb maar een toneelstuk van hem helemaal uitgelezen)

.. was dit:

Prospero:
Our revels now are ended. These our actors,
As I foretold you, were all spirits, and
Are melted into air, into thin air:
And like the baseless fabric of this vision,
The cloud-capp’d tow’rs, the gorgeous palaces,
The solemn temples, the great globe itself,
Yea, all which it inherit, shall dissolve,
And, like this insubstantial pageant faded,
Leave not a rack behind. We are such stuff
As dreams are made on; and our little life
Is rounded with a sleep.

Uit The tempest

Ik wist niet wat basic fabric was, en ook niet wat insubsatbtial pageant betekende. Maar de klanken die ze maakten in mijn hoofd hebben meer betekenis dan de betekenis zelf. Het zit nog steeds in mijn hoofd.

Ergens in een broekzak.

En als één van de woorden van bovenstaand stuk naar boven gehaald wordt, komt de rest mee.

Yea.

 

 


sharing is caring

Lees de hele mooie gedichten van Sabine Kars hier

En die gedichten zijn zo mooi, bedenk ik nu, omdat Sabine de alledaagsheid van de Nederlandse taal af stroopt. Ze geeft woorden en zinnen nieuwe betekenissen mee. Raakt daarmee aan dat wat niet gezegd kan worden.

 

wat ik goed kan

O wauw.

Ik had een idee.

Dit idee.

En ik was er doodsbang voor.

De angst kon ik gelukkig beheersbaar maken door mijn er-hangt-niks-van-af mantra. Zodat ik gewoon een hele leuke ontspannen dag had. Ik heb zelfs een body-percussion opwarmer gedaan ’s ochtends bij de dagopening.

Het idee was leuk, maar gewaagd, en ik had het niet uitgeprobeerd. Dat kon ook niet, want het idee was juist om onzekerheid te creëren.

De grote vraag was of ik het toe kon laten, die onzekerheid.

En dat lukte.

De sfeer was open, veilig.

Er werden mooie kwetsbare verhalen gedeeld, van mooie mensen. En dat binnen een uur.

Ik stond er bij, en besefte dat ik helemaal niet zo heel veel hoefde te doen. Ik had de ruimte gegeven, en nu kon ik gewoon kijken naar wat er ontstond. Daar werd ik rustig van. Het is groter dan ik, het gaat niet om mij. Marcel van Driel had het die ochtend nog gezegd in zijn Waanzinnige Plannen workshop. En nu ervaarde ik het.

Ik ben een tevreden mens.

Oja, ik weet intussen ook wel wat er beter kan. Maar dat doet daar niks aan af, aan dat tevredene.

 

Als je interesse hebt. Hier is het interview dat Edo van Santen met mij hield, na afloop. (bovenste filmpje, vanaf ongeveer 5:54:30)

 

elke dag bloggen .. of niet .. of toch weer wel

Bijna twee jaar lang blogde ik elke dag.

En toen was het even op.

Omdat het elke dag bloggen geen heilig moeten was, maar een prettig ritme, vond ik dat geen probleem. Tijd voor iets anders dacht ik. Tijd voor doorwrochte blogs. Niet veel, maar wel kwaliteit.

Hmm.. dat was het ook niet. Mooie blogs hoor, maar ik mistte iets.  (<schrijffout, maar ik vind hem wel leuk)

En toen begon ik mijn website om te bouwen, want er moest verkocht worden. Kaarten voor mijn theater. En workshops, want alleen dat theater gaat niet genoeg verdienen.

Maar ja.

Met dat verkopen, sluipt er iets lelijks in het bloggen.

Niet dat ik gladde blogs ging schrijven, of mezelf mooier voor ging doen… maar toch.

De wat-kan-mij-het-schelen lol was er wel een beetje af.

En die heb ik weer teruggevonden. De kinderen van mijn ‘stageschool‘ hebben daar mee geholpen. Goh, wat ben ik creatief als de remmen er af zijn, en ik lekker vanuit mezelf mag reageren. Er stroomt weer van alles.

Als het stroomt, dan blogt het ook. Elke dag dus.

En de boom in met verkopen. Dat wil ik niet, en kan ik niet. (dat is niet waar, maar het is wel lekker om even te roepen)

Hier schreef ik al een andere (her)ontdekking. Er was namelijk ook een oordeel binnengeslopen over mijn bloggen. Dat ik maar eens op moest houden met zo onzeker te zijn. Alsof ik nooit iets leerde.

Maar weet je. Ik leer heel veel. Er is intussen heel veel waar ik zeker over ben. Maar het is gewoon geen moer aan om daar over te bloggen. Ik hoef jou toch niet te vertellen wat ik allemaal weet. Jij weet je eigen dingen.

Wat ik NIET weet. Dát is pas interessant. Daar valt wat te ontdekken. Dat is vers van de pers.

Het hoeft dus niet meer allemaal weloverwogen. Het mag weer vanuit de heup. Het mag zelfs alle kanten op.

Misschien gaat het wel in golven, en wil ik over een tijdje weer hele erge focus. Maar tot die tijd ga ik gewoon weer lekker plezier hebben hier.

 

 

er over schrijven is leuk, doen is nog leuker

Ik ga straks naar de conferentie: “Leider zijn in het onderwijs

Omdat ik als blogger voor Het Kind  daar iets over mag schrijven.

Dat vind ik leuk, maar na twee dagen bezig zijn merk ik dat ik doen nog veel leuker vind dat er over praten, en zelfs er over schrijven.

Daar ben ik blij mee.

Dat wilde ik even schrijven.

Blijft leuk, trouwens hoor, naar mensen luisteren die mooei dingen doen in het onderwijs.

Ik ben benieuwd. Mijn blog over vandaag verschijnt binnenkort op het Kind.

 

beginner mogen zijn

Nou ja zeg.

Potverdikkie.

Mijn blogtwijfel blijkt een soort van trots in zich te hebben.

Gedachten over hoe ik overkom, hier op dit blog. Tenminste bij het schrijven over het onderwijs wat ik nu aan het ontdekken ben.

(Misschien over wel meer, maar dat komt nog wel een keer dan)

De school waar ik nu rondloop, doet waar ik vroeger van droomde. Gaat daar zelfs een paar stappen verder in. Ik had in mijn achterhoofd al het idee dat het zo veel mooier kon, en ik zie het nu dus gebeuren.

Daarom zou ik het liefst een soort zie-je-wel stukken schrijven. Stukken waarin ik laat zien hoe mooi dat onderwijs is. Waarom het werkt. Met mooie voorbeelden over dat leren in onverwachte hoekjes zit. Stukken waarvan jij als lezer denkt: wow!

Maar dat is onzin. Ik ben geen expert die jou laat zien hoe mooi onderwijs kan zijn. Ik ben iemand die er van droomt, maar die in werkelijkheid net zo nieuwsgierig en onwennig is als iedereen die deze vorm van onderwijs nog niet kent.

Als ik er over schrijf dan moet ik het lef hebben om over mijn eigen proces te schrijven. Mijn eigen onwennigheid. Mijn eigen ‘leek zijn’.

Ik met al mijn levenservaring, en mijn mooie ideeën en dromen, ik moet beginner durven zijn. Op dit blog en op die school. Ik schreef gisteren al dat ik van mezelf mocht leren. Dat begint nu pas echt in te dalen.

Dat is ook de drempel die ik moest nemen om weer vaker te bloggen.

Weer durven schrijven over wat ik NIET weet.