geluid en beeld zijn minder, die mooie camera die ik geleend had moest terug 🙁
Van ouderwets zien naar nieuwerwets zien.
Of hoe je meer kunt genieten van het leven.
Ouderwets heeft voor mij in dit verband twee betekenissen:
1. niet goed kijken, aan dingen voorbij gaan zonder ze echt op te nemen
2. binnen mijn referentiekaders blijven, mooi vinden wat in mijn “dit is mooi” plaatje past.
Om maar meteen met dat laatste te beginnen (en dan komt automatisch die eerste er bij, want ze staan niet los van elkaar)
Neem nu dit:
Dit vond ik vroeger het toppunt van lelijkheid:
Braak liggend veldje + Flats BAH!
Maar als ik beter kijk naar die flats, zijn ze niet zo saai als ik dacht.
Het woord lijnenspel vind ik vreselijk, maar ja, welk ander woord gebruik ik om duidelijk te maken wat hier toch leuk aan is?
En met deze ogen kijk ik naar de flats waar ik langs kom.
En dan krijg je dit:
En dat kan met alles.
Wan gisteren begon de dag met zwaar weer. Somber, koud grijs.
Maar als je goed kijkt is zo’n donkere wolk erg indrukwekkend.
Doe het nu zelf eens.
Zet je vooroordelen eens opzij bij de vorige foto:
Onscherp, saai, somber, dat landschap zie ik altijd al vanuit de trein.
Kijk eens naar die wolk, die grens van regen. Kijk eens naar het gras, waarvan het groen intenser wordt tussen dat dreigende blauw van lucht en sloot.
Nog eentje dan, nog moeilijker, want ‘lelijker’.
Als huiswerk. Ik zeg niets meer, zelf kijken:
of zo:
Mezelf mag niet ontbreken in de serie.
Het is een hele bijzondere, die zelf.
Een tijd terug goede vrienden geworden. Dat was mooi, want daarvoor zat ik mezelf vooral veel in de weg.
Wat ik van mezelf leer is vertrouwen. Een groot, heel diep basis vertrouwen. Zo groot als de hele wereld.
Dat voelt goed. Want dan maakt het niets meer uit in wat voor sitiuatie ik verkeer. Het is goed.
Ik leer dat steeds opnieuw, want soms raak ik het kwijkt, dat vertrouwen.
Deze week dus.
Ik kon mezelf niet zien en horen. Afgestemd op de verkeerde golflengte.
En pats! Vandaag was ik er weer, bij mezelf.
Ik leer ook van mijn interne criticus. (ja die levenlessen zijn niet alleen maar grappig)
Hoewel ik compleet de weg kwijt was, is dat het slimste wat ik kon doen:
Naast mijn hart luchten bij mensen die ik vertrouw ,
luisteren naar de stem van de interne criticus. Niet wegstoppen. Mijn eigen zorgen serieus nemen.
“Niet gaan zeuren!” was het devies: “Zorgen voor je zelf. Niet klagen maar grenzen aangeven. Niet zielig doen maar zeggen wat je nodig hebt.”
De stem waar ik bang voor was heeft me er doorheen gesleept. Ik deed wat gedaan moest worden, en er was weer ruimte voor mezelf.
Heerlijk. Ik ben oké. Alles aan mij is oké. Ook the dark side.
Ik leer van beide kanten: Good Cop / Bad Cop.
En ik ben heel erg blij met mezelf.
Geen popconcerten meer voor mij.
Niet lekker een muziekje aan staan.
Moois horen is voor mij een contradictio in terminis geworden.
Wat er nog binnen komt is hooguit functioneel, grappig misschien, maar mooi? Nee.
En toch wil ik af en toe iets moois.
Moois zien, in dit geval.
Ik ga morgen naar deze tentoonstelling als het lukt:
Het liefst zou ik dan de catalogus mee nemen naar huis, maar die dingen zijn zo duur!
In plaats daarvan onderga ik straks de kunst van het moment.
Het zien bewaren in mijn hart.
Surfles 1977
Ik sta op de plank. Bibs naar achteren.
“Zo vind je nooit je evenwicht.”, zegt de klasgenoot die mij les geeft.
Wat je moet doen is een paar keer expres achterover vallen.”
En verdomd, het werkt. De grens vinden door er over heen te gaan.
Ik heb er een gevonden.
Ik had alleen niet door dat ik het expres deed, en daardoor schrok ik nog al.
Ik had ook geen surfpak aan, en sta nu nat en trillend op de kant.
Er kleeft nog slijk aan me. Oude minderwaardigheidsgevoelens zijn losgemaakt.
Ik kan nu wel heel stoer roepen dat ik wist dat dit een keer moest gebeuren.
Ik kan nu wel stoer roepen dat ik keihard aan het leren ben.
Maar leren doet eerst auw! en dan pas wauw!
Ik ben tijdeljk gesloten.
dit blog gaat door hoor,
maar er zullen wat vaker pauzemuziekjes klinken.
Zelfgemaakte, en iets moois, daar doe ik mijn best voor.
Er is werk in uitvoering.
bijzonder soort werk.
Raar eigenlijk:
ver-werken is heel dichtbij.
te dichtbij voor hier
En daarnaast het gewone werk.

“What a pity that Bilbo didn’t kill that creature.”
“Pity, it was indeed”
Lord of the Rings. Gandalf en Frodo hebben het over Gollum. Deze tekst uit het boek zit letterlijk in de film. en meer teksten, zoals deze:
Fool of a Took, throw yourself in next Time!
Ik genoot daar van toen ik de film zag. Kennelijk zaten er veel fragmenten van het boek letterlijk in mijn hoofd.
Dat hoofd heb ik van mijn vader, die te pas en te onpas teksten kon citeren.
Ik heb een vreemd geheugen dat vol zit met schijnbaar nutteloze zaken. Schijnbaar, want ik geniet er van, en hoe nuttig is dat? (retorische vraag, dat)
And like the baseless fabric of this vision,
the cloud capped towers, the gorgeous palaces
The solemn temples, the great globe itself—
Yea, all which it inherit—shall dissolve,
And like this insubstantial pageant faded,
Leave not a rack behind. We are such stuff
As dreams are made on, and our little life
Is rounded with a sleep
– uit: The Tempest, Sheakespeare
Ik heb het opgezocht. Op een paar foutjes na, wist ik het nog. Dit soort dingen zitten in mijn hoofd. Omdat ik ze schitterend vind. Soms vanwege de betekenis. Altijd vanwege de vorm.
Echo’s, die me bijblijven.
Niet alles is even hoogdravend
Te Noordwijk zwom een nat konijn
temidden van een school tonijn
“Tja”, sprak het beest,
“Dat tomt ervan,
als je de ta niet zeggen tan.”
– Trijntje Fop (Kees Stip)
Druk niet op de verkeerde knop,
ik zeg zo het oeuvre van Jaap Fischer op.
Waar las ik nu ook weer dat iemand vond dat we meer gedichten uit ons hoofd moesten leren?
Ben ik voor. (alleen als je er lol in hebt , hoor)
De leraar Grieks van mijn dochter geeft een punt kado voor elke leerling die het gedicht “PI”, van Drs. P uit zijn hoofd kan opzeggen. Er is op die school inmiddels een select gezelschap (het PI-genootschap) van leerlingen die dit kunnen. Geen sinceure, want het is lang!

Naast mijn privé quotes zijn er natuurlijk ook veel beroemde quotes. Vooral in films. Zo beroemd dat ze weer in andere films gebruikt worden.
Casablanca zit er vol mee
Here’s looking at you kid
Play it again Sam
BEEP! die laatste is fout. Het is een titel van de een film van Woordy Allan, en natuurlijk een verwijzing naar Casablanca, maar Ingrid Bergman zegt dit niet letterlijk.
We’ll always have Paris
Round up the usual suspects
Die laatste is ook al goed voor een filmtitel.
Een film die zelf weer flink geciteerd is:
“The greatest trick of the devil is to make people believe he doesn’t exist.”
– Keyzer Zose
Leuk als films elkaar citeren. Vooral als je het herkent. Daar zit natuurlijk ook een stukje culturele op-de-borst-klopperij tussen: “Ik ken mijn klassieken.”
Op het blog van Marcel van Driel, waarin hij zijn geworstel met het vragen om geld voor zijn nieuwe project beschrijft, schoot mij direct een quote binnen.
You had me at hello
En pas toen ik die tweette, realiseerde ik me dat die andere beroemde quote uit de film ook heel toepasselijk was:
Show me the money!
Pleziertjes in mijn hoofd, die ik sinds twitter met anderen kan delen.

Gedichten en boeken hebben ook beroemde zinnen.
Ik kan de A2 van den Bosch naar Utrecht niet rijden zonder:
Ik ging naar Bommel om de brug te zien
En toen ik in Amsterdam zo maar opeens door de Sarphatistraat liep, dacht ik aan de Nits.
(Ik verklap de associatie niet. Google maar, als je zin hebt.)
Die Nits doen dat heel veel: verwijzing naar kunst, literatuur, architectuur. (zie hier voor meer voorbeelden)
Domweg gelukkig in de dapperstraat is ook de titel van een gedichtenbundel die het snapt.
Gedichten zijn daarin niet alleen terug te vinden op de titel, maar ook op de eerste zin. En zelfs op een zin midden in het gedicht, als dat de bekendste is.
Zo kun je “Het Huwelijk” van Willem Elschot terugvinden door te zoeken op:
maar tussen droom en daad
staan wetten in de weg, en praktische bezwaren
Mijn prive mooiste openingszin van een boek, is die van Koolhaas’ “Vanwege een tere huid”:
Alle ramen van het huis van de eerste geliefde hebben de eigenschap, dat zij zelf er onverhoeds voor kan verschijnen.

Maar niet alleen beginzinnen van boeken blijven hangen.
Ik wil jullie laten genieten van een schrijver die van kinds af aan al bij me is.
Paul Biegel.
Als kind genoot ik van zijn boeken waarin verschillende verhaallijnen op een bijzondere manier samen komen. Als grootste voorbeelden hiervan, De tuinen van Dorr, en de Twaalf rovers.
Als vader genoot ik van de taal. Geen enkele schrijver leest zo lekker voor als Biegel. Zijn taal zingt.
Voorbeeld uit Nachtverhaal.
Een huiskabouter die erg op orde en regelmaat gesteld is raakt van slag als een Fee op bezoek komt. De huiskabouter vergeet zelfs zijn rondes te doen door het huis waar hij voor zorgt. Hij probeert niet aan de Fee te denken.
Maar dat hielp niet. Want niet aan de fee is evenveel fee als wel aan de fee.
De fee is op zoek naar de dood, iets dat zij als sprookjesfiguur niet kent. Ingegeven door een ontmoeting met een stervende Hommel. Die haar vertelt dat ondanks de dood alles doorgaat, vanwege de nakomelingen.
Ik ben de hele tijd bij de hommel blijven zitten wachten. Op de nakomelingen. Maar er kwamen er geen.
Nee, zei de kabouter, wiedes niet. Zo werkt dat niet.
…
“en ik vroeg het de anderen in mijn Rijk wat het was: de dood en de nakomelingen, maar ze lachten en sprongen en dansten en jansten en niemand kon het wat schelen. Maar ik dacht: het heeft natuurlijk te maken met wat we niet hebben, en ik wou ook dood.”
“Psa!”, zei de kabouter.
“En ik wou nakomelingen.”
“Welja”, riep de kabouter. “In de verkeerde volgorde ook nog.”
Wat een geluk dat ik vier kinderen heb. Wat heb ik veel kunnen voorlezen.
Vooral van Biegel.
Want bijna niemand schrijft zo mooi.
Neem nou Rowling.
Eén keer geprobeerd, Potter. Ik kwam er niet doorheen, voorlezend dan. Dus die hebben ze lekker zelf gelezen. Want spannend waren ze wel.
Nog een keer zingende zinnen. Omdat het zo mooi is.
De rode prinses. Gevangen gehouden door rovers, die nog al wat moeite hebben om haar naar bed te krijgen.
“Nee”, antwoorde de Rode Prinses. “Wij wensen nog niet te slapen. Wij wensen een lied.” Ze klonk als de Koningin, en de rovers zongen . .
en nog is het niet goed want..
“Nee”, antwoordde ze, “nu wensen wij een verhaal”. Het klonk als de koning zelf en de rovers vertelden
en nog wil ze niet naar bed
” Nee”, zei de Rode Prinses. “Wij wensen nog een stuk Weense taart met slagroom.” Het klonk als een verwend kind en de rovers zeiden dat er geen sprake was van een Weense taart, en ook niet van Parijse, en helemaal niet van slagroom, en dat als ze nu niet onMIDdellijk naar bed ging – Het klonk als drie koningen en de Rode Prinses stoof de trap op.
Lieve Jacob Jan,
Wat losse dingen over je blog van gisteren:
Weet je nog dat je ooit schreef over doorgaan en niet stoppen? Dit is zo’n moment.
Ga niet in een romantische bui je baan opzeggen. Je bent kostwinner. Lees dit terug als je neigingen krijgt.
Blijf werken aan je droom. Dan maar een tandje harder, en wat minder TV kijken. Maak de uren, wordt beter.
Durf hulp te vragen. En maak gebruik van de hulp die je nu al krijgt. Maak een lijst met vragen en stel die dan. Je weet wel aan wie.
En inderdaad: dit is leren staan. Je bent geen Walter Mitty. Een droom waar maken is iets anders dan een droom dromen.
Dat is wat ze bedoelen met “uit je comfortzone gaan”. Je gaat nu dingen doen die je doodeng vindt. Tip: geniet er ook een beetje van. Er zijn mensen die veel geld betalen voor zo’n kick.
De kern van wat jij zo eng vindt is:
Durf te vragen om de opdracht. Zelfs verkopers zijn daar bang voor, dus niet gek dat je daar tegen aan hikt. Dit geldt zowel voor baan als voor blog. Die opdracht in je baan die jij niet wil, is jobhunting. En dat is niet alleen omdat je niet kunt bellen. Ook daar durf je niet te vragen. Dus ga lekker aan de slag en ga het leren.
P.S.
Je was boos op je werkgever. Je kreeg te horen dat je op inhoud fantastisch was, maar jammer genoeg commercieel niet handig. Je bent boos dat de opdrachten die nu voor je binnen gehaald gaan worden niet gericht zijn op die inhoud. Je bent boos omdat jouw talent niet goed benut wordt. Als jij anders wil, zul je toch zelf die commercie in de vingers moeten krijgen. Je kunt je talenten niet eens binnen je eigen organisatie verkopen. Stop met zeuren en doe daar wat aan.
Met hete adem in mijn nek
afstand willen nemen
en toch niet willen vluchten
morgen lezen wat ik nu niet snap.
(naschrift: conflict op mijn werk, het gaat een richting op waarvan ik wist dat ik die niet zou kunnen volgen, dit blog was het begin van het afscheid van mijn werk)