hink stap sprong 3. quotes and more

aanloop

“What a pity that Bilbo didn’t kill that creature.”

“Pity, it was indeed”

Lord of the Rings. Gandalf en Frodo hebben het over Gollum. Deze tekst uit het boek zit letterlijk in de film. en meer teksten, zoals deze:

Fool of a Took, throw yourself in next Time!

Ik genoot daar van toen ik de film zag. Kennelijk zaten er veel fragmenten van het boek letterlijk in mijn hoofd.

Dat hoofd heb ik van mijn vader, die te pas en te onpas teksten kon citeren.

Ik heb een vreemd geheugen dat vol zit met schijnbaar nutteloze zaken. Schijnbaar, want ik geniet er van, en hoe nuttig is dat?  (retorische vraag, dat)

And like the baseless fabric of this vision,

the cloud capped towers, the gorgeous palaces

The solemn temples, the great globe itself—

Yea, all which it inherit—shall dissolve,

And like this insubstantial pageant faded,

Leave not a rack behind. We are such stuff

As dreams are made on, and our little life

Is rounded with a sleep

 

– uit: The Tempest, Sheakespeare

 

Ik heb het opgezocht. Op een paar foutjes na, wist ik het nog. Dit soort dingen zitten in mijn hoofd. Omdat ik ze schitterend vind. Soms vanwege de betekenis. Altijd vanwege de vorm.

Echo’s, die me bijblijven.

 

Niet alles is even hoogdravend

 

Te Noordwijk zwom een nat konijn 

temidden van een school tonijn

“Tja”, sprak het beest,

“Dat tomt ervan,

als je de ta niet zeggen tan.” 

 

– Trijntje Fop (Kees Stip)

 

Druk niet op de verkeerde knop,

ik zeg zo het oeuvre van Jaap Fischer op. 

Waar las ik nu ook weer dat iemand vond dat we meer gedichten uit ons hoofd moesten leren?

Ben ik voor. (alleen als je er lol in hebt , hoor)

De leraar Grieks van mijn dochter geeft een punt kado voor elke leerling die het gedicht “PI”, van Drs. P uit zijn hoofd kan opzeggen. Er is op die school inmiddels een select gezelschap (het PI-genootschap) van leerlingen die dit kunnen. Geen sinceure, want het is lang!

 

 

Hink

 

Naast mijn privé quotes zijn er natuurlijk ook veel beroemde quotes. Vooral in films. Zo beroemd dat ze weer in andere films gebruikt worden.

 


Casablanca zit er vol mee

Here’s looking at you kid

Play it again Sam

 

BEEP!  die laatste is fout. Het is een titel van de een film van Woordy Allan, en natuurlijk een verwijzing naar Casablanca, maar Ingrid Bergman zegt dit niet letterlijk.

 

 We’ll always have Paris

Round up the usual suspects

Die laatste is ook al goed voor een filmtitel.

Een film die zelf weer flink geciteerd is:

“The greatest trick of the devil is to make people believe he doesn’t exist.” 

– Keyzer Zose 

 

Leuk als films elkaar citeren. Vooral als je het herkent. Daar zit natuurlijk ook een stukje culturele op-de-borst-klopperij tussen: “Ik ken mijn klassieken.”

Op het blog van Marcel van Driel, waarin hij zijn geworstel met het vragen om geld voor zijn nieuwe project beschrijft, schoot mij direct een quote binnen.

You had me at hello

En pas toen ik die tweette, realiseerde ik me dat die andere beroemde quote uit de film ook heel toepasselijk was:

Show me the money!

 

Pleziertjes in mijn hoofd, die ik sinds twitter met anderen kan delen.

 

 

Stap

Gedichten en boeken hebben ook beroemde zinnen.

Ik kan de A2 van den Bosch naar Utrecht niet rijden zonder: 

 Ik ging naar Bommel om de brug te zien

En toen ik in Amsterdam zo maar opeens door de Sarphatistraat liep, dacht ik aan de Nits. 

(Ik verklap de associatie niet. Google maar, als je zin hebt.)

Die Nits doen dat heel veel: verwijzing naar kunst, literatuur, architectuur. (zie hier voor meer voorbeelden) 



 

Domweg gelukkig in de dapperstraat is ook de titel van een gedichtenbundel die het snapt. 

Gedichten zijn daarin niet alleen terug te vinden op de titel, maar ook op de eerste zin. En zelfs op een zin midden in het gedicht, als dat de bekendste is.

Zo kun je “Het Huwelijk” van Willem Elschot terugvinden door te zoeken op:

maar tussen droom en daad

staan wetten in de weg, en praktische bezwaren

 

Mijn prive mooiste openingszin van een boek, is die van Koolhaas’ “Vanwege een tere huid”:

Alle ramen van het huis van de eerste geliefde hebben de eigenschap, dat zij zelf er onverhoeds voor kan verschijnen.

 

Sprong

Maar niet alleen beginzinnen van boeken blijven hangen.

Ik wil jullie laten genieten van een schrijver die van kinds af aan al bij me is.

Paul Biegel.

Als kind genoot ik van zijn boeken waarin verschillende verhaallijnen op een bijzondere manier samen komen. Als grootste voorbeelden hiervan, De tuinen van Dorr, en de Twaalf rovers.

Als vader genoot ik van de taal. Geen enkele schrijver leest zo lekker voor als Biegel. Zijn taal zingt.

Voorbeeld uit Nachtverhaal.

Een huiskabouter die erg op orde en regelmaat gesteld is raakt van slag als een Fee op bezoek komt. De huiskabouter vergeet zelfs zijn rondes te doen door het huis waar hij voor zorgt. Hij probeert niet aan de Fee te denken.

Maar dat hielp niet. Want niet aan de fee is evenveel fee als wel aan de fee.

De fee is op zoek naar de dood, iets dat zij als sprookjesfiguur niet kent. Ingegeven door een ontmoeting met een stervende Hommel. Die haar vertelt dat ondanks de dood alles doorgaat, vanwege de nakomelingen.

Ik ben de hele tijd bij de hommel blijven zitten wachten.  Op de nakomelingen. Maar er kwamen er geen.

Nee, zei de kabouter, wiedes niet. Zo werkt dat niet.

“en ik vroeg het de anderen in mijn Rijk wat het was: de dood en de nakomelingen, maar ze lachten en sprongen en dansten en jansten en niemand kon het wat schelen. Maar ik dacht: het heeft natuurlijk te maken met wat we niet hebben, en ik wou ook dood.”

“Psa!”, zei de kabouter.

“En ik wou nakomelingen.”

“Welja”, riep de kabouter. “In de verkeerde volgorde ook nog.”

 

Wat een geluk dat ik vier kinderen heb. Wat heb ik veel kunnen voorlezen.

Vooral van Biegel.

Want bijna niemand schrijft zo mooi.

Neem nou Rowling.

Eén keer geprobeerd, Potter. Ik kwam er niet doorheen, voorlezend dan. Dus die hebben ze lekker zelf gelezen. Want spannend waren ze wel.

Nog een keer zingende zinnen. Omdat het zo mooi is.

De rode prinses. Gevangen gehouden door rovers, die nog al wat moeite hebben om haar naar bed te krijgen.

 

“Nee”, antwoorde de Rode Prinses. “Wij wensen nog niet te slapen. Wij wensen een lied.” Ze klonk als de Koningin, en de rovers zongen . .

en nog is het niet goed want..

“Nee”, antwoordde ze, “nu wensen wij een verhaal”. Het klonk als de koning zelf en de rovers vertelden

en nog wil ze niet naar bed

” Nee”, zei de Rode Prinses. “Wij wensen nog een stuk Weense taart met slagroom.” Het klonk als een verwend kind en de rovers zeiden dat er geen sprake was van een Weense taart, en ook niet van Parijse, en helemaal niet van slagroom, en dat als ze nu niet onMIDdellijk naar bed ging – Het klonk als drie koningen en de Rode Prinses stoof de trap op.

 

Hier staan de andere Hink-stap-sprongen 

14 thoughts on “hink stap sprong 3. quotes and more”

  1. Ik heb die bundel ook, Domweg gelukkig, en nog veel meer. Maar ‘Domweg Gelukkig in de Dapperstraat’ ken ik toevallig uit mijn hoofd. Eerste zinnen, ook zo mooi: “Ik ben een Blauwbilgorgel. Mijn vader was een Parulan…(daar komen rare kinderen van).
    Soms vraag ik me af waarom ik nog zo weinig dicht en gedichten lees. Hele laden vol, schreef ik vroeger, en bundels verslond ik.
    Wat ook heel gaaf is, zijn die bundels van ‘Poems on the Tube’, zo’n project waarbij je in de London Underground gedichten tegen kwam. Weet niet of het nog bestaat, maar de bundels zijn prachtig, zo gevarieerd en mooi.
    Voornemen: zodra mijn boekenkast er weer is, en de boeken er weer staan, weer meer poezie lezen! Daar wordt een mens gelukkig van. En rustig.
    Oh ja, en The Lord of the Rings is geloof ik wel mijn favoriete boek aller tijden. Ik weet niet hoe vaak ik dat gelezen heb. Mijn echtgenoot (F) is met name fan van de film, dus die heb ik inmiddels ook ontelbare keren gezien, maar eigenlijk vind ik lezen leuker.
    En Paul Biegel staat bij deze op mijn De Slegte lijst, voor als ik weer in Nederland ben. 🙂

    1. ..Raban, raban, raban.

      Qua verhaal zijn de volgende het mooist:
      Tuinen van Dorr, 12 rovers en Sleutelkruid.

      De rode prinses zakt een beetje in, in het midden, ondaks de prachtige taal.

      Nachtverhaal is als thema eigenlijk veel te volwassen voor kleinere kinderen. Prachtig verhaal over dood en vergankelijkheid. Pas toen ik het de tweede keer las, ontdekte ik dat.

  2. Mooi! Ik ken ook flink wat filmquotes: I’m not bad, I’m just drawn that way is er een die ik graag citeer ;). Die is van Jessica Rabbit in Who framed Roger Rabbit.
    Een gedicht dat ik uit mijn hoofd heb geleerd is de Funeral Blues van WH Auden. Hoorde ik in Four Weddings and a Funeral. Die wilde ik kennen dacht ik bij mezelf. En ik ken hem nog steeds.
    Een ander gedicht is van Neeltje Maria Min:
    Mijn moeder is mijn naam vergeten,
    Mijn kind weet nog niet hoe ik heet,
    Hoe moet ik mij geborgen weten, (hier mis ik geloof ik iets)
    Noem mij, noem mij,
    Spreek mij aan,
    O noem mij bij mijn diepste naam.
    Voor wie ik liefheb wil ik heten.

    Ook ik heb de bundel Domweg gelukkig in de Dapperstraat. En natuurlijk de kloeke bundels van Komrij.
    Twee gedichten uit het verleden zijn bij mij gebleven: Egidius wer bestu bleven, mi lanct na di geselle mijn
    En:
    Heer Halewein zong een liedekijn en al die het hoorde wou bij hem zijn

    Eentje van Frank van Pamelen:
    De liefde, de liefde,
    Zo zei de meesteres
    Is niet alleen een rubber
    maar ook een leerproces
    En dan sluit ik af met een laatste van Drs P., natuurlijk:
    Hoed u voor de baardmijt, de wonderlijke baardmijt,
    hoed u voor de baardmijt, de baardmijt waart rond
    Martha recently posted…#50books: Hasse SimonsdochterMy Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

CommentLuv badge