bloggen, doel of middel ?

Het blog is als de weg.

Sommigen bewandelen die met het doel voor ogen.

Anderen houden van het wandelen zelf.

Zij die starten met dat doel, ontdekken vaak hoe mooi het is onderweg. Ze gaan van de weg houden, en kiezen niet meer voor de snelste, maar wel voor de mooiste weg. (Of de beste).

Zij die zijn gaan wandelen voor hun plezier, ontdekken vaak dat die weg ze op prachtige plekken brengt. Plekken waar ze niet eens van durfden te dromen.

En sommigen beginnen met dat doel, en hebben geen oog voor wat ze onderweg tegen komen. Ze turen op de kaart. Kijken naar richtingaanwijzers. En geschrokken van hoe ver nog, zetten ze de pas er in. of ze proberen een stuk af te steken. Dat zijn de mensen die het bloggen niet begrepen hebben.

Verantwoordelijkheid : lelijk woord

woorden

antwoorden

verantwoordelijk

Laat dat laatste nou niks met ‘woorden’ te maken hebben,

maar met ‘daden’.

 

Het heeft niets met ‘moeten’ te maken,

maar met ‘willen’.

 

Het heeft ook niets met ‘schuld’ te maken,

maar met ‘geloven in’.

 

Het heeft niets met ‘zekerheid’ te maken,

maar met ‘blijven zoeken’.

 

Het heeft niets met anderen te maken,

maar met jezelf.

provinciaal in de stad

Stadswandeling met de ogen van een provinciaal.

Die aparte hoogbouw in Zuid had mijn aandacht al getrokken, toen ik vorige week in het AMC moest zijn.

Ik heb het nagezocht. Die ene heet “The Rock”. Glas beneden, en inderdaad een rotsachtige bovenkant.

 

Het OZW gebouw van de Vrije Universtiteit. De afronding, de kleur, de glinstering. Genoeg om mijn hoofd voor om te draaien, en stil te staan. Ook nagezocht, hoe dat gebouw dan heet. En dan blijkt dat twitter sneller én vollediger is dan een rondje googelen:

 

 

En dan dat braakliggende veldje. Daar gebeurt iets. Dat zijn tuintjes.

 

Er is zelfs een schooltuin. Een klas krijgt uitleg.

 

En dan mijn dochter van het station halen. Kijken met zijn tweeën is altijd +1.

Van station zuid naar het Vondelpark lopen.

Mooie wijk.

Veel architektuur van de Amterdamse school. Daar houd ik van. Mooie steen. En altijd speciale aandacht vor randjes, hoekjes.

Grappige extra’s.

Alsof je bij een vergadering (= serieus = de functionaliteit van het gebouw),  droedels maakt tussen de aantekeningen door met sierlijke krullen.

De muur die niet aaneengesloten is. De sierlijke bocht in de muur van de trap.

 

Zelfs een Amsterdamse school in Amsterdamse school:

 

 

Amsterdams Lyceum. Thuis even googelen. Remco Campert heeft daar op school gezeten. En de architekt is Baanders, die inderdaad een belangrijke rol speelde in de Amsterdamse School. Ook het blauwe theehuis in het Vondelprak is van hem.

Dat Vondelpark.

Wat is dat mooi. Ik zou kind willen zijn. En dat worden we ook een beetje:

 

Prachtige gebouwen in en om het Vondelpark. (We roepen steeds naar elkaar: “Tjee! je zult hier wonen!)

Het gebouw van de Amterdamse Huishoudschool:


Leuk! Daar heb ik mijn eerste kookboek van ! Gekregen toen ik op kamers ging wonen.

 

In de buurt van het Leidsche plein gegeten. Warme lunch. Doe ik nooit. Dus het vakantiegevoel is nu helemaal compleet.

Voor onze neus een schouwspel, want er staat een bestelbusje midden op straat, en de eigenaar is in geen velden of wegen te bekennen. Iedereen blijft er verbazingwekkend kalm onder. Andere leveranciers, die niet verder kunnen, besluiten ter plekke dat ze dan maar iets verder moeten lopen.  Zelfs de bestuurders van personenauto’s die nu nergens meer heen kunnen blijven  kalm. Het hoort er bij vermoed ik.

Het Van Gogh museum geloven jullie wel, denk ik. Het was mooi. Heel mooi.

Voor we in de trein stappen een kopje koffie op de spiegelgracht.

Mooie geveltjes als je omhoog kijkt.

 

En bedrijven waarvan ik als provinciaal denk: “Oh, gut ja, die moeten er ook zijn, natuurlijk.” Nooit bij stil gestaan, een castingbureau:

 

 

En op een station vol enthousiaste Turkse supporters onderweg naar de voetbalwedstrijd wachten we voldaan, en intens tevreden op de trein naar huis.

 

Van wie ik leer: Kitty Killian

Nee geen affiliate link.

Bij mijn eerste kennismaking met @KittyKilian  schrok ik.

Schrikken is leren. (Tenminste, als je niet in de verdediging schiet.)

Ze is “as delicate as a handgrenade” zegt ze zelf, en dat klopt.

Geen blad voor de mond, en soms een beetje stangen.

Stellig.

En ik hield niet van stellig.

Laat dat nou precies zijn wat ik van haar leer.

Ook een beetje Stelliger zijn.

Wat Minder voorzichtig.

Want ze deugt.

Kitty neemt geen blad voor de mond, maar ze is geen roeptoeter. Soms werpt ze een knuppel in het hoenderhok, maar als je vraagt, krijg je tekst en uitleg. In haar blogs durft ze zichzelf te bevragen.

Wat ik leer is dat je nog steeds deugt, zelfs als je stellig durft te zijn.

Dat wist ik niet.

Eerlijk niet. Ik deed bij alles wat ik schreef een disclaimer.

Zoiets:

dit zeg ík, maar als jij iets anders vind, is het ook goed hoor.

Dat doe ik voortaan minder.

Dank daarvoor Kitty.

 

 

slaaf van de lesmethode

Mijn dochter baalt.

Van haar wiskunde huiswerk.

En ik geef haar geen ongelijk.

Ze heeft een methode die niet lekker aan sluit  op de manier waarop zij leert.

De Wageningse methode. Prachtig bedacht. Stap voor stap wordt de nieuwe stof geïntroduceerd met verhaaltjes, zodat leerlingen zelf ontdekken hoe het zit. Niet dom toepassen, maar begrip.

Probleem is dat deze methode nog al dwingend voor schrijft hoe dat ontdekken dan gaat. Erg veel kleine stapjes, waarvan pas op het eind van het hoofdstuk de samenhang duidelijk wordt.

Methodes zijn te dwingend.

In de korte tijd dat ik leraar was, had ik daar last van.

Als ouder heb ik daar opnieuw last van.

Ik kan mijn kinderen niet snel even een antwoord geven, als ze een vraag hebben. Want het antwoord is niet genoeg. Het moet ook nog eens op de manier die de methode aangeeft. Dus als ik een andere manier heb om dezelfde som op te lossen, hebben mijn kinderen daar niks aan. Dat brengt ze alleen maar in verwarring.

Slaven van de methode worden ze, die middelbare schoolkinderen.

Dat komt omdat methodes zichzelf zo belangrijk vinden. En daarmee maken ze zichzelf van middel tot doel.

Bewondering heb ik voor leraren die daar soepel mee om kunnen gaan.

Jammer genoeg kunnen ze dat niet allemaal.

Dus volgen mijn kinderen slaafs de methode, omdat ze anders een kruisje krijgen bij “huiswerk niet af”. Ook zo’n middel dat tot doel is verworden.

Mijn dochter is intussen weer blij. 

Ik ga er de komende periode naast zitten. Ga me inlezen op de methode, en kijk of ik haar op weg kan helpen. 

En ik vind dat best gezellig.

iedere dag bloggen en kwaliteit

Wat ik zo mooi vind aan het elke dag bloggen is de aandacht voor wat er hier en nu is.

Hier en nu is spannend.

Bijna iedereen loopt daar hard voor weg. Over gevoelens praten, willen we wel, maar dan graag over toen, of iemand anders. Niet over nu, met jou.

Ik wilde in dit blog niet weglopen. Iedere dag, dus nu.

Vers van de pers. Nog niet gefixeerd, gepolished en verfraaid. Echter kan het niet.

En toch. . .

Ik heb ooit een cabaretcursus gedaan. 

Toen schreef ik een lied over het overlijden van mijn ouders. Dat was toen vers.

Mijn lerares heeft me geholpen met dat lied. Het was in eerste instantie té persoonlijk. Details die niet nodig waren. Ze leerde me dat een beetje afstand nodig is.

 

Zo maak je het van jouw unieke/individuele ervaring tot iets dat voelbaar is voor anderen 

 

Ze had gelijk.

Vaak lukt me dat. Vorm geven aan wat me bezig houdt.

Afgelopen week lukt dat minder, en dat heeft me op scherp gezet.

Ik ga nóg meer aandacht besteden aan de vorm.

Daarom ben ik zo blij met mijn artikel van gisteren. Daar lukte het niet alleen, het ging helemaal vanzelf. Perfect huwelijk tussen vorm en hier-en-nu.

En nu wordt het spannend, met deze kwaliteitseis.

Want wat nu als ik een dag niet in vorm ben?

Wat gaat tellen? Iedere dag? of  Kwaliteit?

Laat wel duidelijk zijn, dat ik zonder iedere dag bloggen nooit was uitgekomen bij deze kwaliteitsnorm.

 

Hink stap sprong 4, a perfect world

Neem mijn hand.

Ik neem je mee deze aflevering  in, zodat je niet verdwaalt.

Want al heeft deze hink stap sprong een thema, er wordt op twee benen gehinkt, en een zijsprong gemaakt.

Laten we voorzichtig beginnen met de aanloop.

 

AANLOOP

 

 

The Nits, de elpee WORK, het nummer Hobbyland.

 

My world
There’s no love lost between
Me and this old great big world
That will never change
So I made my own one
In my own time true to scale
In my own house
My world
Little shops and little houses
Tiny trains that always run on time
Little men and little ladies
Everyone there is a friend of mine
My world
In my own time
In my own house

 

Dit is het thema. De miniatuurwereld waar alles klopt. Zo veilig als je eigen huis. Houd dat vast.

HINK

Hobbyland is een Droste liedje. Misschien niet expres, maar het is het wel.

afbeelding van wikipedia

De muziek zelf geeft mij het veilige gevoel waar de ‘ik’ in de tekst naar op zoek is. Nits muziek is ‘cleane’ muziek. Een beetje bedacht. Elk klankje zit op de goede plek.

Kortom een verwijzing naar zichzelf.

Escher doet dat ook:

Uit een site van de Universiteit van Leiden

Dit boek laat zien wat Escher deelt met de wiskundige Gödel en de componist Bach. Dat droste effect pas daar in.

Sterker nog. Een van de hoofdstukken van dat boek IS een Droste effect.

Hofstadter beschrijft dat Bach midden in een muziekstuk van toonsoort verandert. Dat roept een spanning op, die weer wordt ingelost als het stuk afsluit in de oorspronkelijke toonsoort. Dat voelt dan als thuiskomen. (let op! ik raak hier aan het thema).

Bach doet nóg iets bijzonders. Er is een muziekstuk waarin hij meerdere keren van toonsoort verandert, en dan een gemene grap uit haalt: De laatste stap terug zet hij niet.  Dat heb je als toehoorder niet door, omdat je de tel kwijt bent, maar je blijft zitten met het gevoel ‘nog niet thuis te zijn’.

Hofstadter illustreert dit in het hoofstuk zelf door de twee hoofdpersonen van zijn dialoog steeds een niveau dieper het verhaal in te brengen. Naar een schilderij –  in een verhaal – in een verhaal. En ook Hofstadter vergeet expres een stap terug te doen.

Gödel, Escher Bach, geeft mij ook een gevoel van veiligheid. Hier is iemand die de materie beheerst. Ik kan mee aan zijn hand deze wonderlijke wereld betreden.

Ik heb dit idee trouwens zelf schaamteloos gejat voor dit verhaal. Schaamteloos, omdat de kracht van mijn verhaal niet allen maar in die ’truuk’ zit. (lees het straks, het is de moeite waard, beloofd).

 

En dat allemaal al heel lang voordat Inception gemaakt werd.

 

STAP

Opnieuw. Ons uitgangspunt was hobbyland van de Nits.

Ik hield vroeger enorm van mijn Faller huisjes:

   

Ze bestaan nog. De plaatjes komen van een website die ze online verkoopt. (geen affiliate link!)

Daar had ik exact hetzelfde gevoel bij als de tekst van hobbyland beschrijft. Weten dat het niet echt is, en toch me veilig weten in de nep. Wat die nep weer heel echt maakt. Want liever echt nep, dan gemaakt authentiek.

SPRONG

Wat me bij blijft is de kleur groen van het nep-gras dat daar bij hoorde. (nee ik had geen spoorbaan). Die kleur kom ik weer tegen als ik door Nederland rijd in de auto. Vooral in de lente en herfst, als de zon lager staat, zijn de weilanden de weilanden van mijn huisjes.

Nóg een plaats waar ik het tegen kom. De bergen. Hoog boven op een top staan, en de flanken van de bergen in de diepte zien. Datzelfde gevoel van overzichtelijkheid. Dat pad daar ga ik wandelen. Ik kan het helemaal overzien. Het past tussen mijn duim en wijsvinger.

2012-07-07 16.06.52

 

 

Faller huisjes in de diepte.

 

Ben je er nog? Fijn. Laatste sprong, en dan landen we:

 

Ook mijn sprong dreigt twee kanten op te gaan.

Die landschappen die bij mij zo binnen komen ga ik vangen in musea.

Voor een schilderij staan en mij één voelen met de schilder die gezien heeft wat ik zie is ook thuiskomen.

En vooral dat licht.

 

Die impressionisten vind ik het mooist.  En die schilderen juist níet precies. Vreemd.

Toch blijf ik een zwak houden voor dat neppe, dat perfecte, dat precieze.

Ik kwam dit tegen op internet. En dat is op een heel andere manier mooi.

Dit is van een schilder die achtergronden maakte voor Disney films.

van deze site, lees hier meer

 

Deze twee schilderstijlen staan voor mij voor de spanning tussen echt en nep. Tussen wat er is en wat ik er van maak.

Die spanning moet er blijven.

Die spanning is wat mij drijft, vermoed ik.

Dat is waar ik nu land. Terwijl ik dit schrijf. Jij bent life getuige van een ontdekking.

Echt en nep zijn geen vijanden van elkaar.

“Er iets moois van maken”  kan een vorm zijn van: “laten zijn wat er is”.

Iets gemaakts, als een ode aan het echte.

Aan die ode ontleent al het gemaakte zijn echtheid.

 

 

Hier staan de andere hink-stap-sprongen

Life

Lijf en voelen.

Niet te veel bezig met bedoelen,

niet te veel bezig met snappen.

Kappen.

En dan dus voelen.

Nee, geen emoties, die bedoel ik niet.

Je lijf, je voet, je been, je buik, je rug,

je armen en je handen.

Je botten en je vel.

Dat allemaal bedoel ik wel.

Ja, zo eenvoudig kan het zijn,

dát is voelen, dát is zijn.