Als het geld op raakt, word ik een hoer

Moet ik dat nog uitleggen?

Moet ik nog zeggen dat ik koortsachtig ga zoeken, wat ik moet doen om te zorgen dat er geld binnenkomt?

Dat ik daarbij uit het oog verlies wat ik goed kan, wat bij me past?

Dat ik alleen nog bezig ben, met de vraag waar mensen geld voor zou willen uitgeven?

Is dat dan niet gewoon marketing?

Goede vraag.

Ik weet het niet.

Ik voel ergens een grens, dat wil zeggen ik voel dat ik een grens over ga.

Van klantgericht naar hoererij.

Waar ligt die grens?

(slimme mensen die steeds over marketing schrijven, doe daar eens een blog over)

Wat in ieder geval niet klopt is de onrust die het bij me veroorzaakt, en de neiging om van alles en nog wat uit te proberen.

De neiging om alles en iedereen als klant te zien.

Ik wil mensen niet als klant zien. Tenminste niet op deze manier.

Hoe dan wel?

Daar ga ik niet achter komen in deze onrust.

Even niets doen, dus.

Behalve dan mijn geplande afspraak om te zien hoe ik meer theaters vol krijg.

Want daar heb ik rust. Daar weet ik wat ik in handen heb. Daar wil ik best klanten bij zoeken.

Maar dat is financieel niet voldoende.

Vandaar die onrust.

Dus.

Die onrust die ook invloed heeft op mijn bloggen.

Mijn broer zei het al: “je schrijft wat meer voor de bühne, de laatste tijd, dat vind ik minder interessant.”

Tja.

Die bühne heb ik nodig om geld te verdienen, toch?

Ik vond de achtbaan van het in elkaar zetten van mijn theater leuker dan dit schommelschip. 

Bah.

En dat je dan ook nog denkt: “een tijd geleden schreef je ook al zoiets, wordt het niet eens tijd dat …”

Nog een bah.

 

NASCHRIFT

Net terug van een erg inspirerend gesprek met Marloes Kuipers van MK Events & Productions

En de focus is weer waar hij moet zijn: theater.

Doel 2014 minstens 40 voorstellingen

en daarnaast op scholen spelen, met hetzelfde stuk, en met het stuk in iets aangepaste vorm.

En daarna pas  voor bedrijven. Voorstelling en verhalen op maat.

 

Ja, het badwater was erg vuil, en toch.

Ze mogen open hoor, van mij, de winkels.

Sterker nog, ik vind het wel makkelijk, en maak er graag gebruik van.

En toch.

Die zondagrust was niet zo’n gek idee.

Een dag in de week de boel stil zetten. Met zijn allen. Want wat je met zijn allen doet is krachtiger dan wat je alleen doet.

Een dag voor bezinning.

Het wiel stil leggen, omdat je, als het doordraait, je zo makkelijk laat mee voeren.

Voor je het weet ben je opgeslokt door alles wat zo belangrijk lijkt, maar wat zo ontzettend relatief wordt als je afstand zou kunnen nemen.

Ik hoef je dat niet uit te leggen, je weet het zelf best.

Je bent niet voor niets bezig met bucketlijstjes, moodboards, inspiratiegroepen op facebook of linked-in, je cursus mindfulness.

Mooi allemaal, maar allemaal het wiel opnieuw uitgevonden.

Want we hadden het al.

De zondag.

Dag om alles stil te leggen. Elkaar te ontmoeten.

We gaan naar een mooie plek. Iemand leest zijn blog voor. We luisteren naar mooie muziek. We zijn samen, praten wat, of wandelen.

Een dag om bij anderen te zijn, helemaal, zonder afleiding.

Een dag om bij jezelf te komen, helemaal, zonder afleiding.

Ik snap het wel, hoor dat we dat nu op andere manieren zoeken.

Maar zullen we volgende keer wat beter kijken voor we weer een kind weggooien?

 

 

En lees het commentaar. Want door met elkaar heen en weer te praten wordt de blik ruimer.

Privé blog

Geen blog hier.

Ik heb namelijk een privé blog geschreven voor één van mijn lezers.

 

Ik ga dat vaker doen. Als je een privé blog wil, meld je dan aan door een mailtje te sturen. (mijn mailadres staat op de pagina: “verhalen werken door”, ja je moet er even iets voor doen.)

Voor de eerste 10 die dit doen, schrijf ik een privéblog.

(en de volgende keer schrijf ik daarnaast dan ook gewoon een blog voor iedereen)

 

Als je vandaag toch iets wil lezen:

Mijn post over de kale takken, van vorig jaar november

wekelijks rustpunt

. . en tekenen.

Wandelen en tekenen. Dat wordt het. Met mijn maatje.

Wandelen en tekenen, meer niet.

Woensdagmiddag.

Lekker duidelijk.

Een moment zonder pretenties.

Want ik kan het steeds beter loslaten. En er gewoon van genieten. Zonder van te voren te bedenken wat ik moet. Er moet niks anders dan wandelen.

Wandelen en tekenen.

Deze week bedacht ik samen met de predikant het thema van de dienst voor zondag.

Het thema werd: het belang van de stilte/leegte, in een wereld die je mee trekt,  je bij jezelf vandaan haalt, voor je het in de gaten hebt.

Die stilte en die leegte kun je wekelijks vinden, in een kerk bijvoorbeeld. (Als een kerk ten minste geen dogma’s gaat verkondigen. Want dan gaat die kerk die leegte op een vervelende manier vullen.)

Maar het hoeft niet in de kerk, hoor.

Het kan ook met een maatje.

 

 

 

 

Zie hier voor het begin

En de eerste wandeling

 

hoe verder, een update

Zoek vandaag niet naar de mooie zinnen.

Het is gewoon maar even een update, dit blog.

Waar een dip opgewarmd door wat koorts al niet goed voor is.

Even pas op de plaats.

Ik had vakantie voor ogen maar het werd uitzieken. Gevolgd door een droeve bui met neerslag.

De rust is er nu pas.

Ik sprak met Nancy, die de schouwburg van het Mozaïek hier in Wijchen programmeert. Zij vond het stuk goed in elkaar zitten, en dat ik nog meer kon (moest) groeien in de uitvoering.

Dat is fijn om te weten. Ik heb iets goeds in handen.

En ja, daar had ik even wat ‘officiële’ bevestiging voor nodig. Niks mis mee, ik ben het zelf gaan halen op de juiste plek.

En dan.

Groeien.

Dus volgende week eens kijken of ik met Marloes een strategie kan bedenken voor de volgende theaters.

Groeien kan alleen door meer te spelen.

 

En,

omdat er geld moet binnenkomen, tijd voor het tweede spoor.

Werken met verhalen voor bedrijven.

Had ik een jaar geleden ook al bedacht, maar ik had geen idee hoe ik dat zou kunnen verkopen. Dus al mijn aandacht gericht op waar ik in geloofde en wat ik voor me zag: het theater.

Nu beginnen er ook beelden te komen bij dat zakelijke stuk.

Nu begin ik daar in mijn waarde te geloven.

Ik laat dat nog even borrelen.

Het eerste idee is nooit het beste idee.

Jullie zullen er vanzelf wat van gaan merken.

 

In jezelf geloven gaat niet altijd vanzelf

Ken je dat?

Dat je nog zo veel positieve reacties krijgt, maar dat die ene negatieve door je hoofd blijft spoken?

Ik ken het.

En ik geloof niet eens in spoken.

Maar dat helpt niet echt.

Ze fluisteren gemene dingen.

Zoals “Die positieve reacties waren alleen van mensen die lief wilden doen.”

Terwijl ik weet dat die niet waar is. Omdat ik niet geloof dat die mensen dat zouden doen: alleen maar iets liefs zeggen voor mij. Ik denk dat ik die mensen daar goed genoeg voor ken. Wel dat ze aardig zijn. Maar er zitten geen zoete broodjesbakkers tussen.

Dus probeer ik dat allemaal wat realistischer te bekijken. De lessen te leren.

Want is er ooit iemand die het in een keer goed doet?

“Maar hoe word je beter? Je hebt alles al gegeven”, fluistert het spook.

Door het vaker te doen. Door te groeien. Door heel goed op te letten wanneer je contact voelt met het publiek. Als trainer stond je de eerste keer ook niet zelfverzekerd voor een groep. Kon je ook niet alles zien. En kon je, met wat je zag, ook niet meteen iets doen. Allemaal dingen die je nu kunt.

“Maar hoe kom je aan publiek?” fluistert het spook: “Is het nu dan al goed genoeg, voor nog een zaal, en nog één? Kunnen mensen niet beter wachten met naar je toe gaan, tot je het wat meer in je vingers hebt? En als laatste, en ik geloof als spook zelf niet dat ik dit zeg: Hoe kun je jezelf marketen als je nog teveel in mij gelooft?”

Nou daar ga ik dus hulp bij zoeken.

Na een week pauze, waarvan 4 dagen met zware koorts, moet ik morgen maar weer eens aan de slag.

Ik heb zelf nog geen idee. Maar ik ga praten met een schouwburgprogrammeur, en met iemand van een evenementenbureau.

En die kunnen me helpen. Want ik heb iets moois in handen.

Ik bedoel, als ik toch een klein beetje in mijn spoken geloof, dan kan ik toch ook in mezelf geloven?

 

 

 

De geest en het vlees

Het staat er allemaal een beetje stellig, in de bijbel.

Dus je moet het wel in de context plaatsen.

Ik vermoed dat de schrijvers zich ongerust maakten over wat ze zagen.

Jezus had net vrijheid gebracht, mensen los gemaakt van al te starre opvattingen over het geloof. Het ging opeens weer om de kern: liefde, zorgen voor elkaar.

Overal ontstonden kleine geloofsgemeenschappen die het op deze manier wilden proberen. Ik zie dan een soort flower power comunity’s voor me.

Al die brieven in het nieuwe testament zijn gericht aan deze jonge geloofgemeenschappen. En wat ik er uit lees, is dat het gekrakeel en het gekibbel niet lang op zich liet wachten.

Die brieven van Paulus en anderen zijn dus te lezen als een “Mensen, waar zijn we nu helemaal mee bezig?” oproep.

Zijn jullie nú al vergeten waar het echt om ging?

Daarom staat er: ‘God keert zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt hij zijn genade.’ 7 Onderwerp u dus aan God, en verzet u tegen de duivel, dan zal die van u wegvluchten.

Jacobus 4

 Ik zeg u dus: laat u leiden door de Geest, dan bent u niet gericht op uw eigen begeerten. 17 Wat wij uit onszelf najagen is in strijd met de Geest, en wat de Geest verlangt is in strijd met onszelf.

Galaten 5

 

Een oproep dus, om te leven naar de geest, tegenover de werken van het vlees gezet. Die werken van het vlees staan dan voor het kortzichtige eigenbelang. Als enkel dát je handelen bepaalt, maak je jezelf los van God, maak je jezelf los van contact met anderen.

Beetje wrang dat dit later door kerkelijk leiders als doctrine is opgelegd. Dat ze heel handig misbruik maakten van die oproep tot nederigheid. En daarmee introduceerden ze opnieuw de starheid in het geloof waarvan mensen zich net hadden losgemaakt.

 

Dus weer terug naar de kern.

En die kern is liefde.

Dat is echt.

Laat je handelen bepalen door liefde. Dat is wat voor mij met die geest bedoeld wordt.

Goh, lijkt dat niet erg op wat ik nu overal lees over geven is het nieuwe krijgen?

En al die mensen die denken dat dat de nieuwste marketing trend is, waarmee ze straks binnen lopen . . .   die hebben het dus niet begrepen. Die zou ik graag de brieven van het nieuwe testament aanbevelen.

Als je het echt meent zeg je namelijk niet dat geven het nieuwe krijgen/hebben/nemen is.

Als je het echt meent besef je dat je van geven op een heel andere manier rijker wordt.

In die geest.