mijn eigen stem (2)

-Hee Jacob jan, misschien moet je maar eens dimmen met die filmpjes

Waarom?

-Je bent er nogal bezeten van, met die laatste ben je bijna twee dagen bezig geweest

En?

-Nou, ik vroeg me gewoon af: Is dit jou ‘next great thing’? Waar je al je hoop op vestigt… dat je eindelijk publiek hebt?

En?

-Ben je niet bang dat alles als een kaartenhuis in elkaar stort? Dat je nu in een soort manische periode zit, en dat die depressieve om de hoek ligt?

Nee

-Hoezo nee? dat kan toch maar zo?

Ja, het kan maar zo. Ik ben er alleen niet bang voor.

-Huh? Zo zeker ken ik je niet. Is dat echt? Of doe je stoer?

Echt. Wat gebeurt gebeurt. Intussen heb ik dikke lol. En ja ik geniet. Ik geniet ook van de leuke commentaren die ik krijg. En ik blijf hier stevig mijn tanden in zetten.

-Ja, je bent zelfs van plan een dure microfoon te kopen. En straks nog zeker een echte camera ook. Waarom? Zo egostrelend dit?

Ja. Ook. Maar niet alleen. Ik heb een stem gevonden.

-Ik dacht dat jou stem die open en eerlijke was, en niet de lolbroek.

Die lolbroek is de keerzijde van mijn open en eerlijke, en andersom. Ondeelbaar. Rustig maar. Ik houd ze in balans. Ik zal zelfs het transcript van ons gesprek op mijn site zetten. Goed?

-Hm.

Ik ben blij met deze andere stem die ik gevonden heb. Ik heb die altijd binnen gehouden. Want god, wat ben ik eigenlijk een betweter met opgeheven vingertje.

-Jij? Andries Knevel!  Bah! Dat kan niet waar zijn.

Maar het kan dus wel. Als ik het maar niet te serieus neem. Het mag dan wel lijken dat ik twitterend-coachend Nederland op de hak neem, maar ik ben eigenlijk vooral een persiflage van mezelf. Ik overdrijf niet eens heel erg veel in die filmpjes.

En je mooie missie dan? Voorwaarden scheppen voor een beter communicatie?

Dat blijft mijn boodschap. Ik ben nog steeds op zoek naar het goede platform voor die boodschap. Het is niet genoeg om leuke, eerlijke, introverte stukjes schrijven, en preken wil ik niet.

-Dat wil je kennelijk wel

Okee correctie. Wil ik wel, maar mag ik niet van jou. En hierin geef ik je zelfs gelijk. Maar dit lijkt me een goede vorm.

Hoezo?

Ik heb er lol in. En het gaat me moeiteloos af. Al die teksten voor die filmpjes schudt ik zo uit mijn mouw. Ze lijken wel vanzelf te komen. Dat is een lekker gevoel. Dat ik laatst 2 dagen bezig was, had vooral met techniek te maken, windruis bijvoorbeeld en een slechte microfoon. En ja ik ben er een beetje bezeten door. Maar geen gevaar daar.

Hoezo?

Ik ga straks 3 weken offline

Ja lekker. Laat de inbrekers even weten dat je op vakantie gaat

Alsof ik iets heb dat het stelen waard is. Laat ze langs komen en de tuin water geven. Daar maak ik me echt zorgen om. Dat is net iets te veel gevraagd voor mijn buurvouw.

En je blog dan?

Daar zet ik het verhaal op waar ik mee ben begonnen.

Oja. Je andere grote aspiratie. Die heb je laten zitten toch?

Inderdaad al een tijd niet meer geschreven. Moeilijk hoor schrijven. Een echt ambacht. Ik laat het even los. Kijken hoe ik het na de vakantie vindt. Eerst even 3 weken helemaal weg van alles, ook van de filmpjes. Jij je zin?

Dat had ik al lang. Je bent best lekker bezig. En even weg van alles is heel goed. Veel plezier.

het beest is los: tiebelen

Nee dit is niet een poging om leuk te doen, of gekke bekken te trekken. Dit doe ik ook als ik helemaal alleen ben, en onbespied. Ik was dit aan het doen terwijl ik even aan het droogoefenen was voor mijn filmpje over de leercirkel. Ik had dat niet eens in de gaten. Totdat ik naar het kleine schempje van ‘moviemaker’ keek (dat stond te wachten op mijn vlog). En toen dacht ik: ‘waarom niet’ en klikte op ‘opname starten’.

Als klein jongetje kreeg ik een sinterklaasgedicht met de volgende regels:

tiebel tiebel tol
je maakt de mensen dol

In dat gedicht werd melding gemaakt van het feit dat mijn vader als klein jongetje dit al te horen had gekregen van Sinterklaas.

Een familiewoord dus, dat tiebelen. Het staat voor het tikken, klakken en trommelen. Op verzoek van mijn naasten heb ik mij ernstig leren inhouden.

Maar sinds een bodypercussion workshop is het beest al weer een paar weken los. Ik ben bang dat het niet meer te houden is. Hopelijk vind het een uitlaatklep in een djembé cursus die ik ga volgen na de zomer. Voorlopig moet mijn omgeving het hier mee doen:

weg met de coach, leve de leermeester

Een goede coach houdt je een spiegel voor.

Hij of zij lost het niet voor je op. Dat moet je zelf doen.

En als je het dan toch zelf moet doen…

dan…

..kun je het toch gewoon beter zelf doen?

Een spiegel heb je vast ook nog wel ergens hangen.

En als je het níet zelf wil doen,

omdat je denkt dat je geld moet uitgeven om een beter leven te krijgen,

neem dan een leermeester!

Is wel zo makkelijk. Hoef je het niet allemaal zelf te doen.

Ik kan jouw leermeester zijn. Een aantal belangwekkende levenslessen van mijn hand hebben reeds het licht gezien.

Ik vertel je precies hoe het zit en wat je moet doen. Ik laat het niet aan jou over, grote kans dat je het toch weer verprutst.

  • Mijn C.V:
  • Meer dan 50 jaar levenservaring
  • Meer dan 1000 stomme fouten gemaakt
  • Van minstens 10 van die fouten iets geleerd
  • Begonnen als zeer verlegen en nu al flink over het paard getild, ik kan dus het hele spectrum aan
  • Diepdroevige dingen meegemaakt
  • Veel nagedacht over de zin van het leven

Volg mijn levenslessen

sacherijnig en ook weer niet

Ik ben voor het eerst in drie weken sacherijnig.

Dat komt omdat mijn filmpje niet lukt. Allerlei technische problemen.

Ik ben bezig met mijn volgende aflevering in de levenslessen van Jacob Jan

Ik heb gisteren twee uur lang gewerkt aan de ondertiteling, en toen ontdekte ik dat het filmpje niet goed genoeg was.

En er was ook nog al wat windruis, want ik had het buiten opgenomen.

Vanmorgen heel vroeg op de fiets om het opnieuw te doen. In stukjes geknipt en met moviemaker weer aan elkaar plakken.  Alles op de juiste plek en, opslaan en …. het lukt niet. een van de clipjes blijft steeds hangen. Dus alles voor niets.

Ja, daag ik ga niet weer op de fiets. Bovendien waait het nu weer harder, en krijg ik nog meer last van windruis.

Intussen even naar boven scrollen, want ik ga de titel aanvullen.

Bloggen is heftige therapie man! Door het hier te schrijven praat ik een beetje met je. Ik zie je knikken, je leeft helemaal met me mee. Lief van je. dat doet goed. Ik voel me al stukken minder sachrijnig. (ja het mag ook zonder e).

Ik heb nu een voorlopig versie en ik laat het even rusten. Kijken of er morgen minder wind is om nóg een keer te proberen.

Wat ik wel leuk vind is dat ik fanatieker wordt. Mijn eisen gaan omhoog.

En ik leer. ( en OEH! wat is dat confronterend)

Dat ondertitelen is een kloteklus. Maar wat leer ik daar veel van over mezelf. Ik ontdek dat ik een ongelofelijke zwamneus ben. Die zijn zinnen half afmaakt, en wel drie keer hetzelfde zegt.

Aan het werk dus Jacob Jan. Oefenen in kort en krachtig formuleren.

Jammer dat ik een beetje tegen de techniek aan loop. Een laptop met een slechte microfoon, en een goedkoop fototoestelletje. En een filmbewerkingsprogramma dat niet doet wat ik wil. Maar daar word ik creatief van, zullen we maar zeggen.

Jullie zien wel wat het wordt.

Ik weet de aankondiging op twitter al:

“Waarom Geert Wilder een teletubbie is”.

 

overbodige luxe ?

Vanmorgen, op weg naar mijn werk.

Plantsoenmedewerker op een soort grasmaaiertje dat ik nog nooit eerder had gezien. Voorop zat een soort garde van een mixer die al ronddraaiend keurig  de randjes van het gazon scherp en strak maakte.

Goh, daar hebben ze dus speciaal iets voor bedacht, wat handig.

En toen besefte ik:

Ik leef in een hele luxe samenleving. Wij hebben mensen die machientjes uitvinden om de randjes van het gras netjes bij te werken. Wij hebben mensen die de hele dag bezig zijn, zodat het er allemaal keurig uit ziet. Ook dat grasveld midden op de rotonde, waar verder geen hond komt.

Het gaat er nu niet om of alles strak ent netjes moet. Ook als we natuur in de stad willen die er wat ‘natuurlijker’ uit ziet, kost dat onderhoud.

Overbodig?

Nee. Ik vind van niet.

Luxe?

Ja, en het is goed dat ik dat weer eens een keer besef.

De zangvogel

Er was eens een kleine zangvogel die niet kon zingen. Kleine grappige liedjes gingen nog wel, maar dat was natuurlijk niets vergeleken bij alle mooie trillers en fraaie klanken die de rest van haar familie en ook al haar vrienden konden maken. Als ze toch probeerde mooi te zingen klonk het vreemd.

De kleine zangvogel werd stiller en stiller.  Totdat ze ontdekte dat ze met die vreemde klanken wel anderen aan het lachen kon krijgen. Daar kreeg ze zowaar plezier in. Ze stak de draak met de andere zangvogels die vreselijk hun best deden. Zo werd het leven toch een beetje dragelijk.

Toen een Vlaamse Gaai in de boom van de kleine zangvogel landde, moest hij eerst even wennen aan de kleine zangvogel. Die kleine zangvogel had namelijk al heel snel zijn vreemde accent te pakken en imiteerde hem te pas en te onpas. De Vlaamse Gaai had zich eerst heel beledigd gevoeld.  Maar toen de hij de kleine zangvogel wat vaker zag, ontdekte hij dat onder dat stoere uiterlijk en die vlotte kwetter een heel lief, leuk vogeltje stak.

Op een dag vroeg hij waarom ze niet zong.

“Dat kan ik niet” was het antwoord. Dat wilde de Vlaamse gaai niet geloven:

“volgens mij kun je juist heel mooi zingen, nog veel beter dan die zangvogels die alleen maar kunstjes vertonen!”

De kleine zangvogel was verbaasd, zo had ze nog nooit iemand over de andere zangvogels horen spreken. Snel keek ze of iemand het gehoord had. Gelukkig niet. Ze werd bevriend met de buitenlandse vogel, maar zingen deed ze niet.

“Waarom toch niet? Eén keertje maar, voor mij alleen”, vroeg de buitenlandse vogel toen ze met zijn tweeën helemaal alleen in een hoge boom zaten.

“Ik kan het echt niet. Er komt alleen gekras als een kraai uit!”

“Weet jij wel dat kraaien hele wijze vogels zijn? Kom eens met me mee als ik bij ze op bezoek ga. Dan zul je dat zien.”

De kleine zangvogel wilde er niets van weten. Kraaien waren zo’n beetje de aartsvijanden van de zangvogels.

“Jij en ik konden toch eerst ook niet met elkaar opschieten? Geef ze eens een kans”, vroeg de buitenlandse vogel. De kleine zangvogel gaf uiteindelijk toe en zo kwam het dat ze even later bij de kraaien in de wilgen zaten.

“Ik weet wel wat er met jou aan de hand is”, zei een oude kraai: “je hebt een prop in je keel, die moet eruit!”

De kleine zangvogel snapte het niet.

“Alles wat jij hebt meegemaakt heb je ingeslikt, omdat je niet durfde te zingen. Mooie dingen, maar ook droevige dingen. Al die dingen zitten verstopt in je keel. Die moet je eruit schreeuwen.”

Schreeuwen, dat was nou net wat een zangvogel nooit mocht doen. Dat kon je hele stem verpesten. Bovendien leek je dan wel een kraai.,

“Ik dacht dat je die flauwekul nu wel te boven was”, zij de Vlaame Gaai: “Je ziet toch dat het helemaal geen schande is om een kraai te lijken?”

“Ja dat is waar”, dacht de kleine zangvogel.

De oude kraai zag de kleine zangvogel twijfelen.

“Als wij nu eens een eindje gaan vliegen?” vroeg hij aan de Vlaamse Gaai. En tegen de kleine zangvogel zei hij: “De begroeiing van de boom is dik, niemand kan je zien. Als anderen iets horen denken ze dat het een kraai is, ze weten dat wij hier vaak zitten. Neem je tijd.”

De kleine zangvogel zat helemaal alleen in de kraaieboom. Ze voelde zich een beetje verdrietig. Er kwam een kleine traan. Haar lijfje schudde. Langzaam liet ze zichzelf gaan. Diep van binnenuit kwam een schreeuw. Dat voelde goed. De zangvogel schreeuwde nog eens. Zonder woorden schreeuwde ze al haar verdriet en boosheid eruit. Soms kwam er ook een schreeuw van vreugde tussendoor. Uiteindelijk was ze uitgeput en was het stil.

Een hele tijd bleef ze zo zitten. Zo kalm had ze zich nog nooit gevoeld. Ze ademde rustig. Heel langzaam begon ze op de maat van de ademhaling te neuriën. Ze was verbaasd over haar stem, die klonk dieper dan ze zich herinnerde. Langzaam voelde ze een melodie opkomen. Haar stem klonk steeds luider en voller. Ze klonk zoals nooit een vogel geklonken had. Haar stem klonk ruwer dan de normale zangvogelstem, maar ook veel voller. Toen ze uitgezongen was zag ze op een andere tak de buitenlandse vogel en de oude kraai zitten.

“Ik wist wel dat dit in jou zat” zei de Vlaamse Gaai. Een lied dat veel voller klinkt dat van welke zangvogel ook. Geen kunstjes, maar een puur geluid.

 

(schatplichtig aan: “songmaster” van Orson Scott Card en Dombo van Disney)