Het is de schuld van mijn collega’s

Het is waar wat Elja zegt.

Als je niet iedere dag blogt, blog je steeds minder en wordt de drempel steeds groter.

Jee man, ik maak zo veel mee. Ik zou me helemaal suf moeten bloggen.

Maar.

Het is een sneltrein waar ik nu in zit. Al die reflectie momenten zoeven voorbij.

Maar.

Dat is het niet eens.

Het komt allemaal door mijn collega’s. Die zijn van goud. Daar kan ik stante pede ter plekke mee reflecteren, stoom afblazen, uithuilen, en genieten.

Dan is het moment suprème al weer voorbij. Want dat is (was?) de kracht van mijn blog. Mijn reflecties laten ontstaan tijdens het typen. Het ijzer smeden als het heet is.

Ik ben nu elke dag ijzer aan het smeden, en stenen aan het zacht maken. Ver van mijn laptop.

Dat gaat ten koste van mijn blog.

Maar het levert zo veel op.

 

Invloed als blogger

Daar ging #blogpraat gisteren over.

Tweette ik.

Er kwamen allemaal vragen, en ik wist even niet meer precies hoe ik het bedoelde.

Want ik wil best invloed. Ik wil de wereld mooier maken, toch?

Ik denk dat ik terugschrok van mijn eigen pretenties. Want wie ben ik om te weten hoe een mooiere wereld er uit ziet?

Was het dan alleen maar valse bescheidenheid?

Nee.

Ik meen het echt als ik zeg dat ik niet wil bepalen hoe de wereld er uit moet zien.

Dat weet ik niet.

Dat weet geen van ons.

Dat weten we allemaal.

Iedereen een stukje. De wereld is het samenspel tussen al die stukjes.

Het enige dat ik graag zou willen is dat dat samenspel meer spel dan ruzie is. (Helemaal geen ruzie, kan niet, is ook niet goed).

Dat we anderen laten delen in ons spel, en dat wij delen in het spel van anderen.

Een van de voorwaarden daarvoor is dat mensen wat meer van zichzelf gaan houden.

Daar wil ik wel invloed op.

 

Toevoeging:  (Met dank aan Elja en Charlotte, zie comments)  En ik mag dus net zo hard als iedereen zeggen hoe de wereld er uit moet zien. En af en toe doe ik dat hier ook. (was ik even vergeten wat ik zelf geschreven heb)

Zingende zinnen

Mijn vaders hoofd zat vol citaten.

En bruggetjes.

Associaties.

Er kwam dus vaak een versregel uit zijn hoofd rollen.

Und dann werden Sie mich sagen hören “Alle!”

When in doubt, wash!

Die twee zijn duidelijk ingegeven door het feit dat mijn moeder Jennie heette. De bovenste is seerauber Jennie uit de Dreigroschenoper. De onderste is de kat Jennie van Paul Gallico.

Maar er waren ook liedjes van Jaap Fischer, gedichten van Kees Stip of Daan Zonderland, en nog veel meer.

Flarden tekst die ook in mijn hoofd vast gingen zitten.

En later bouwde ik zelf een verzameling. Onbewust.

Mijn grootste wens als schrijver van Verwonderfabels is dat mijn zinnen in iemands hoofd blijven zitten. En er dan af en toe uit mogen.

Daar schrijf ik wel een beetje op. Ik wil graag zingende zinnen maken.

Ik ben nu bezig met het schrijven van het bewonderbeest. Dat krijgt een refrein. (Je moet de hoofden wel een beetje helpen natuurlijk)

Margreet zei me dat ze al beelden kreeg. Geweldig!

Zo heerlijk om met Margreet te werken, en te weten dat het boek schitterend gaat worden. Zo’n boek om te koesteren. Dat koesteren, daar zorgen de tekeningen dan weer voor.

 

Ik geef het refrein weg. Kan die vast in je hoofd gaan zitten.

Zijn boos werd bozer, tot het knapte
en zijn wangen werden nat.
Toen hoorde hij voor het eerst de stem, en Joris snapte
dat die in zijn diepste binnen zat.

Luister goed mijn lieve kind
ik ben het bewonderbeest.
Wat jij nu een mislukking vindt
bewonder ik het allermeest.

Aan het eind van het boek vertelt het beest pas waarom:

Dit is namelijk het geval:
wat je kunt, dat kun je al,
dat is niet zo interessant.
Wat je niet kunt en toch doet,
vraagt uitzonderlijke moed.
Je boosheid en je natte wangen
zijn jouw hartstochtelijk verlangen,
dat is het vuur dat in jou brandt.

 

Kijk voor de fabels op www.verwonderfabels.nl

Intuïtie is sneller dan het verstand

Ik doe veel dingen intuïtief.

Tenminste, dat ontdek ik achteraf. Op het moment zelf voelt het alsof ik ze zomaar doe. En als ik dan terugkijk ontdek ik dat het niet zomaar was. Dat het best een slimme keuze was.

Dat is mooi. En soms lastig.

Bijvoorbeeld als je aangesproken wordt op je gedrag op het moment dat dat gedrag nog steeds als ‘zomaar’ voelt. Dan wil ik bijna een sorry zeggen, terwijl ik pas achteraf bedenk dat ik hele goede redenen had voor mijn gedrag. Maar ja, dan heb ik al staan stuntelen, en hebben anderen de indruk dat ik maar wat doe.

Nu vind ik dat niet zo heel erg. Ik weet dat ik niet zo maar wat doe.

Maar ik laat me niet meer overvallen op deze manier, heb ik besloten. Daar heeft niemand wat aan.

Waarom bloggers betere columnisten zijn

Bijna had ik dit blog niet geschreven.

Omdat het een dubbel negatief is, en dat maakt nooit een positief.

En toen bedacht ik dat juist het schrijven ervan een mooie poging zou zijn om er toch een positief van te maken. We gaan zien of dat lukt.

De dubbele negatief begint met een gratis krant. Ze willen allemaal zo graag abonnees dat je met een beetje paper-hoppen een heel jaar gratis de krant kunt lezen. Wij doen het af en toe.

Soms is het leuk. Veel vaker ontdek ik dat ik iets tegen kranten heb. Vooral tegen columnisten, papieren bloggers.

Want die papieren bloggers houden, in tegenstelling tot de bloggers die ik op internet volg, een muurtje op. Van achter dat muurtje gooien ze met cynisme. Een kleverig, stinkend goedje. Je blijft het ruiken.

Het is een soort vermaak dat ik voorgoed ben ontgroeid. Ook de humor die er op gebaseerd is. De humor die kritiek levert op onze maatschappelijke gedragingen.

Vroeger keek ik er juist graag naar. Vooral als het meedogenloos goed was. Jiskefet en zo.

Ik herinner me “30 minuten” van Arja Ederveen. Pijnlijk goed, alles klopte.
“Ja, zo is het precies!”  
Maar na afloop bedacht ik wat ik nu eigenlijk gezien had. Een zorgvuldige imitatie van precies die dingen die ik vreselijk vind. Een genant soort aapjes kijken. Fascinerend, maar ook heel erg op afstand. En lekker bevestigend.
Daar hoor ik lekker niet bij”

Er zit weinig liefde in. Het is het oordelen op buitenkant. Ik ontdekte dat het een soort humor was die ik niet meer kon waarderen.

Daarom heb ik ook nooit van Koefnoen gehouden.

Niet veel later zag ik Ali B. Op volle toeren. Dat was een programma dat precies het omgekeerde deed. In plaats van het bevestigen van alle oordelen die ik had over Nederlandse artiesten, liet dat programma ze mij op een andere manier zien. Een manier die mijn hart opende.

Kijk, zo kan het ook.

Jammer dat die papieren bloggers dat nog niet door hebben. Jammer dat ze vinden dat ze nog steeds dat scherpe, meedogenloze, cynische toontje nodig hebben, waarmee ze van alles afserveren.

Niks, vind ik het.

Maar ja. Ik wil eigenlijk geen blog schrijven over iets dat ik niks vind. Dan ga ik het afkraken afkraken.

Maar intussen heeft de blogmagie gewerkt. Al schrijvende ben ik er achter gekomen wat het positieve is van deze dubbel negatief.

De bloggers die ik volg.

Dat zijn de columnisten die ik graag lees. Die hebben geen muurtje. Die laten zichzelf zien. Die kijken met liefde naar de wereld. Of met boosheid. Maar die boosheid is altijd te herkennen als liefde.

Dat is mijn positief. Dank dat jullie er zijn.

Elja
Liesbeth
Ruud
Peter
Hendrik-Jan
Kitty
Xandra
Marloes
Sonja
Agnes

P.S.

Is er iemand die me kan helpen met een andere dubbel negatief?

Ik zoek het positieve woord voor onvoorwaardelijk.

 

Mijn verstand mocht kiezen, deze keer

Ik heb een lastige beslissing genomen.

Om iets niet te doen.

Ik wilde avonden over gedichten gaan presenteren in de Bieb, als een soort live blog. Hier vertelde ik er al over.

Ik had zelfs al afspraken gemaakt met de Bieb. We zagen het helemaal zitten. Sterker nog, ik zie het nog steeds helemaal zitten. Ik heb er heel erg veel zin in.

Maar het is niet verstandig, en mijn verstand mag kiezen.

De Vallei vraag heel veel energie. Het geeft ook veel energie terug, maar het is geen rekensommetje.

Daarnaast willen Margreet en ik doorstomen met Verwonderfabels. Dat wordt meer dan alleen een hobby, vermoeden we.

Dan is het gewoon niet handig om er nog iets naast te doen, zeker niet als ik van mijn kinderen terug krijg dat ik thuis te veel mis, omdat ik met zo veel dingen bezig ben.

Deze stekker gaat er dus even niet in.

Heel erg jammer, maar ook heel erg verstandig.

 

gehaald

Ik wou dat ik wilde
dat er iets zou schuren
en dat ik dan
de woorden vond
om dat schuren schitterend
te verbeelden.
Verschuilt mijn schuren
zich achter
mijn tevredenheid?
Iemand zei me ooit
dat verdriet voller was
dan vreugde.
Het onbereikbare
is gehaald,
en ik heb enkel nog
het briefje
met de handtekening
voor ontvangst.

Mijn innerlijke fan in een worskhop

Ik reed naar Amersfoort om voor #mnl15 een workshop te geven over het vinden van je innerlijke fan.

Onderweg wilde ik even met hem praten. Ik zette mijn tas van de stoel naast me op de grond. Het helpt me als ik fysiek een plekje vrij houdt voor mijn innerlijke fan. Hij ging zitten, met zijn blote voeten op het dashboard.

Ik vroeg tips. Hij moest lachen.

“Zullen we samen gewoon even stil zijn?”

En dat deden we. De files liet hij me alleen doen. Ik ben dan geen prettig gezelschap.

Ik zat in een mooie kapel, en had de ruimte gelukkig voor mezelf. (De vorige sprekers moesten hem delen met amper een tussenwand)

Ik had één of twee bezoekers, dacht ik. Maar dat vond ik helemaal niet erg. Ik was er niet voor mezelf. Maar het werd al snel voller. Ik sjouwde met stoelen en zelfs toen ik begonnen was, bleven er mensen binnen komen. Uiteindelijk iets van 25 mensen. Mijn theaterzalen zijn wel eens leger geweest.

workshop ML15

Het was een mooie workshop.

Ik had niet zo heel veel voorbereid. Ik wist welk verhaal ik wilde vertellen, en wat ik wilde delen.

Ik heb twee oefeningen uit de fanclub van Willem de Ridder gedaan.

De sfeer was goed, er was een hele fijne aandacht. Ik was kalm, in control doordat ik niet in control hoefde te zijn.  En blij. Mijn fan heeft staan dansen van plezier.

Mensen bleven nog lang napraten. Ik kreeg van iemand een waardevol compliment: Dat ik het zo echt en natuurlijk was, niet zo’n praatje dat je overal hoort, maar een echt persoonlijk verhaal.

En dat was het.

Ik ben tevreden.