plogje, op weg naar Carré begint in hele kleine zaaltjes (maar ik proef de grote vast even)

Op weg naar Zeist waar ik een klein stuk uit mijn theatervoorstelling ga spelen.

DSCN3760

CI’s uit, want bandengeraas en motorgeronk is niks om naar te luisteren. Dus even lekker stil, en alleen maar kijken. Er zit geen uitknop op, dus ik schuif de accu’s altijd een stukje naar buiten. Ja, meer dan de helft van dat bakbeest is een accu, en nog gaan ze niet een hele lange dag mee.

 

 

 

DSCN3761

Boek mee. Ik ben een op tijd freak en dus overal te vroeg. Soms lees ik nog even in de auto.

 

DSCN3762

Magnolias gaan bloeien in de wijk.

 

DSCN3763

En de bomen langs het spoor worden al groen.

 

DSCN3764

File, maar niet voor mij 🙂

 

DSCN3765

De ingang van Figi Zeist, vanaf de overdekte parkeergarage. Fijn want intussen stortregent het.

 

DSCN3766

Hee! Het is ook een schouwburg! Dat onthoud ik.

 

DSCN3767

Goed aangegeven. De NVVS, ja daar kom ik voor, nee niet als gast, maar als spreker 🙂

 

DSCN3768

En als spreker heb je dit soort zaaltjes. Mwa, wel aardig maar…

 

DSCN3772

Dit is al beter, maar . . . .

 

DSCN3774 DSCN3776

Dit is natuurlijk het echte werk.

Mijn hart gaat echt sneller kloppen van zo’n zaal. Ik zou het zoooo gaaf vinden als die technici nu bezig waren met de techniek voor mijn theater, en als ik dan straks op dat podium sta.

Komt Jacob Jan, komt. (ik weet nu wel heel erg zeker dat mijn keuze klopt)

 

Maar nu voorlopig hier spreken:

DSCN3791

Schrijftolk bereidt vast voor.

 

DSCN3784

En dit is haar toetsenbord. Een schrijftolk typt lettergrepen in plaats van letters.

 

DSCN3788
Eerst een praatje van een meneer van het audiologisch centrum. (rechts de schrijftolktekst)

 

DSCN3787

Omdat ik geen zin heb om de hele tijd de microfoon vast te houden, heb ik mijn eigen zendermicrofoon mee.

Dat was nog even gedoe om die op de luidsprekers én de ringleiding te krijgen, maar het lukte.

Het ging erg lekker. Ik voelde me vrij, en heb met erg veel plezier gespeeld.

Ja, en daar heb ik dus geen foto’s van. Stom hè?

Op een gegeven moment kreeg de schrijftolk de slappe lach (nee, niet omdat ik stoms deed, ik had daar ook een lach gepland, dus hoe leuk is dat?)

Ze zei sorry, maar ik vond het alleen maar vreselijk leuk.

 

DSCN3794

Ik kan nog wel even de bloemen laten zien. En ja hoor, ik ben keurig betaald.

NVVS bedankt!

Kon het beter?

Het kan altijd beter, en ik word ook elke keer beter, maar voor nu gewoon erg tevreden.

(Ja de verbeterpunten heb ik al meegenomen)

 

Bestel hier je kaartje

In deze categorie staan alle andere posts, die ik schrijf op weg naar Carré.

 

 

 

De weg naar Carré

Die ga ik je laten zien.

Hier, op mijn blog.

Want laten we eerlijk zijn, dat wil ik gewoon: in Carré staan¹.

Geen doekjes om winden, maar gewoon aan de slag.

En jou mee laten kijken.

Echter dan reality TV. Live te volgen, via mijn blog.

Ik ga bloggen, vloggen en ploggen en wat ik allemaal nog meer kan verzinnen, zodat jij mee kunt kijken. Wees getuige van de verandering, want dat er wat gaat veranderen is wel zeker.

Mijn wereldbeeld staat nu al op zijn kop. Er is van alles aan het kantelen in de manier waarop ik naar dingen kijken.

The more it changes, the more it stays the same.

Als Stewart (o.a)

Alles verandert. Van dingen die ik verwerpelijk vond, kan ik nu de schoonheid zien. En het gekke is: uiteindelijk verandert er niets aan de kern, want hoe meer ik verander, hoe meer ik mezelf wordt.

Mezelf durven zijn, dat was altijd al mijn kern.

Ik ga laten zien dat mezelf zijn niet strijdig is met beroemd willen zijn.

Ik ga sowieso laten zien dat heel wat tegenstellingen fictief zijn.

Ik ga laten zien hoe oogkleppen er voor kunnen zorgen voor een minder beperkte blik.

Ik ga je manipuleren tot en met, en juist daardoor laat ik je vrijer. (Bloggen is manipuleren, toch? Beter om daar geen doekjes om te winden)

Kortom, ik ga allemaal dingen doen waarvan ik dacht dat ik ze nooit zou doen, waar ik soms zelfs tegen aan getrapt heb, en toch ga ik daarmee mezelf niet verloochenen.

Ik kan mijn voorzichtigheid laten varen, ik kan alle remmen loslaten. Wat me tegen hield: mijn angst om de zoveelste lege hype te creëren, is overbodig.

Ik kan helemaal niet hypen, want diep daarbinnen weet ik:

Ik² ben nooit een hype, ik ben een fantastisch mens

Ik ben geen gebakken lucht, want ik zit barstensvol talent en inhoud

Bescheidenheid kan de deur uit, want de enige reden waarom ik die zo koesterde, is omdat het zo langzamerhand een handelsmerk werd. Hoe niet-mezelf-zijn is dat?

Blijf me volgen. De toppen én de dalen (want deze blogpost heeft wat tranen gekost, al zou je dat niet zo verwachten, als je het leest.)

Dit wordt een bijzonder avontuur, en hier doe ik verslag.

¹ De grote verandering is dat ik het niet meer stiekem wil, het niet meer op de Calvinistische manier wil bereiken: Doe maar je stinkende best, en hoop dat je opgemerkt wordt. Heel nobel dat, maar ook dom, en ik heb daar gewoonweg geen tijd meer voor. Dus ga ik nu zelf wat TamTam maken.

² Eerste verandering: Er staat hier een hoop IK, en helemaal niets over het verbeteren van de wereld. Ik geloof dat ik de wereld mooier maak door mezelf niet meer te verstoppen.³

³ Het feit dat ik deze voetnoten nodig vindt, is een restje oude ik. Geeft niks. Mag.

lief dagboek

maastrichtacw

Oké.

Er gebeurt nu zo veel dat ik het nog even niet kwijt kan in een blog.

Nee, er is niets te zien, het gebeurt allemaal van binnen.

Kwartjes die vallen.

Dus maar even wat afleiding, gewoon dagboekachtig schrijven hoe mijn weekend was.

Zaterdag met Fenna naar Maastricht. Ze gaat Algemene Cultuurwetenschappen studeren. Ze twijfelt tussen Nijmegen en Maastricht.

Ik ben enorm trots op haar, want ze is zich heel goed aan het informeren. Ze volgt ook de Engelse voorlichtingsronde, want dat is inhoudelijk wel het zelfde verhaal, maar iemand anders vertelt, en legt dus andere accenten.

En als we later door Maastricht wandelen, toch nog even terug, om vragen die bij haar opgekomen zijn  te stellen.

Ze gaat straks voor de studie die het best bij haar past. Knap!

Zondag is Dion thuis. Even een weekend terug uit Madrid waar hij een half jaar stage loopt. Fijn, weer even alle kinderen onder één dak.

En tijdens dit klein (groot!) huishoudelijk geluk, loeien er stormen binnen in mij.

Mooie stormen, maar ook heftige en eenzame stormen.

Als ze een heel klein beetje gaan liggen, zal ik hier de winden beschrijven.

 

de aard van de kabouter

De meeste muren van de oude Gotische Kathedraal waren nog intact.

Het late zonlicht sreek langs de oeroude stenen en gaf ze extra reliëf. Het grasveld rondom en in de kathedraal glansde in het gouden licht.

Tussen de muren, daar waar vroeger het altaar stond, was een klassiek orkest opgesteld. Het zwart van de kleren stak mooi af tegen het blinkende koperwerk, het hout van de strijkers, het bronzen gras, en de goudgele stenen.

Het publiek koesterde zich in de zon, in stille verwachting.

Ik stond op een verhoging voor het orkest, met mijn dirigeerstokje in de aanslag.

Er kriebelde iets in mijn nek.

Hoewel ik er met mijn rug naar toe stond, wist ik dat een duistere figuur door het gangpad op me af kwam lopen.

Ik voelde hoe alle ogen van het publiek hem volgden.

“Draai je om”, zei iets in mij, maar ik wilde niet.

“Draai je om.”

De stem klonk nu hardop.

Ik draaide me om. De duistere figuur was al over de helft, en aarzelde even.

Toen mijn weerstand zijn hoogtepunt bereikte, besloot ik, tegen mijn wil in, om los te laten.

De duistere figuur liep door. Op een paar passen afstand van mij stapte hij uit de schaduw, en bleef staan.

Ik zag dat ik het zelf was.

Tot mijn verrassing lag er geen afkeurende blik op het gezicht van die ‘zelf’, zelfs geen strenge. De blik was bezorgd, en de boodschap die ik in mijn hoofd hoorde was deze:

“Het is prachtig, Jacob Jan. En je kunt het. Maar je bent er nu nog niet klaar voor.”

____

Dit was een geleide fantasie, ongeveer 20 jaar geleden.

Ik ontdekte dat mijn innerlijke criticus niet mijn vijand was, als ik maar naar hem luisterde.

De afgelopen jaren klonken er weer stemmen. Stemmen die wél streng waren, wel afkeurend. Ik besloot dat dat niet mijn innerlijke criticus kon zijn,

Nee, daar had ik pas nog mee gepraat, en tot mijn verrassing zei hij dat ik er nu wel klaar voor was, en dat ik door moest zetten.

Geen innerlijke criticus dus, ik noemde die nieuwe stem mijn interne saboteur.

Ik maakte eind 2012 zelfs een filmpje over die saboteur.

Nu pas kom ik op het idee om ook met die interne saboteur te praten.

Tja.

Nu pas.

En wat ontdekte ik? Die interne saboteur is een bang kind dat diep in mij verstopt zit.

Het kent maar één manier van waardering: aardig doen, en ze vinden je aardig.

Het is schijtbenauwd voor alles wat ik daarbuiten doe, en trekt heel hard aan de rem. Ergens in mijn hoofd vindt hij mijn twijfels, hij verdraait ze en versterkt ze. Als een echte wizzard of Ozz creëert hij een monster in mijn hoofd.

Alles om mij maar tegen te houden. Want ze zouden me anders niet meer aardig vinden. En niet meer aardig gevonden worden, dat is . . .  (nou ja, iets heeeeel ergs, volgens het kind)

Goed om met dit kind te praten. Om het uit te leggen, dat ik aardig ben. Ook als ik daar niet alles voor doe. Ook als ik dingen doe die door anderen niet aardig gevonden worden.

Aardig doen als soort betaalmiddel voedt het monster, en ik ontzeg me daarmee échte waardering.

Mezelf zijn, is al aardig zijn.

Ik hoef helemaal niet bang te zijn dat ik door schiet in het ‘lekker mezelf zijn, en jullie doen het er maar mee‘. Dat is helemaal niet jezelf zijn. Dat is gewoon weer een pak dat je aan trekt.

Dit is anders. Dit is een aanmoediging om naar buiten te laten wat ik nog steeds binnen hield. Ik was daar 20 jaar geleden al mee begonnen. Nu is het tijd om de vergeten stukjes lucht te geven.

Jawel, ik zal wel aardig zijn voor dat kleine kind.

 

Vaders en dochters deel 1

Een heen en weer blog wordt dit.

Tussen zo maar een vader en zo maar een dochter.

Over vaders en dochters.

Ik kreeg van Danique deze mail:

Heey Jacob Jan!

Jij hebt 1 uitwonende dochter toch? Bel je haar weleens? Gewoon zomaar, om te vragen hoe het is en hoe haar dag was?

Mijn vader houdt vast aan het principe: ‘geen bericht is goed bericht’. Als ik iets wilde bespreken zou ik hem wel bellen.

Laatst hadden we het erover dat ik dat jammer vind. Omdat ik het leuk vind als hij zomaar belt,zonder andere reden dan dat hij wil weten hoe het met me is. Ik vind het ee teken van interesse en betrokkenheid. M’n pa doet nu z’n best om hier verandering in te brengen maar ik vraag me af of het niet aan mij ligt? Is het een man-vrouw ding? Vraag ik teveel van mijn vader? Ik zie hem namelijk minstens 1 keer per week. En als ik hem niet zie bel ik hem meestal.


En waarom vind ik het bij mijn vader zo belangrijk maar zal er mij bij mijn moeder nooit over horen?


Hoe is dat bij jullie?

Groetjes, Danique

En dit is mijn antwoord:

 

Hoi Danique,

Ik bel nooit meer, omdat ik daar, met mijn CI’s,  te slecht voor hoor.
Maar zelfs al zou ik goed kunnen horen, zou ik niet zo veel bellen. Ik houd niet zo van telefoon.

Dus ik verander je vraag een beetje. Sms, mail, tweet, of facebook ik wel eens met mijn dochter. Want dat is voor mij de ideale manier om in contact te blijven.

Heel eerlijk?

Wel eens.

Maar niet zo heel veel.

Ik zie mijn dochter ook bijna iedere week, daar ben ik heel erg blij mee. Vorig jaar heb ik haar een half jaar moeten missen, toen ze in Srilanka zat. Dus bijna elk weekend is een cadeautje.

(nog fijner vind ik het dat ze het nog steeds “naar huis gaan” noemt, als ze naar ons toe komt.

Ik denk wel aan haar, tussendoor, maar (weer eerlijk) soms ook hele tijden niet.

Mannending?¹

Misschien. Soms leef ik in mijn hoofd. Dan ben ik er niet helemaal bij. Zelfs voor mijn vrouw en thuiswonende dochters niet.

Dus mijn uitwonende dochter kan ik soms ook zomaar een tijd ‘vergeten’.

Misschien is dat vergeten wel heel gezond. Ik heb er een tijd ook bovenop gezeten. In de tijd dat ik leraar wilde worden, heb ik Teske zelfs in de klas gehad, (maar een paar inval lessen hoor). Toen ze trainingen gaf bij de atletiekclub was ik trainerscoördinator. Ik genoot ervan, en Teske vond het niet vervelend (zelfs wel gezellig, denk ik). Maar genoeg is genoeg, natuurlijk.

Als ik wel aan haar denk, voelt ze voor mij heel dichtbij.

Ik vind het wel leuk om, als ik in de buurt ben, haar op te zoeken.

Ik me herinneren dat toen ze pas een android telefoon had, we soms elkaars GPS deelden.
Ik reed een keer vrijdags terug uit Maastricht waar ik een afspraak had. Teske kwam thuis, met de trein uit Zwolle. Beiden op weg naar Wijchen. Op mijn mobieltje kon ik onze stipjes steeds dichter bij elkaar zien komen. Heerlijk vond ik dat.

Uitersten dus.

Heel erg verbonden, maar ook vrede met het feit dat Teske en ik intussen een heel eigen leven hebben.

Wat ik me nu wel af vraag is of Teske het mist, dat ik niet zo vaak contact zoek, en of ze wel weet dat ik aan haar denk.

Ik zal haar eens vragen, misschien leest ze deze post wel. Ze leest soms mee.
“Dat weet ik toch al?”, zegt ze dan als ik iets wil vertellen. 

Ik vermoed dat ze gaat zeggen dat er genoeg contact is.

Ik hoop dat ze het me zegt als het niet genoeg is.

Ben je een vader of een dochter? Voel je vrij om in te haken bij de reacties.

 

 

¹ Ik schreef ooit twee (beetje cynische) blogposts over communicatie tussen mannen en vrouwen.

 

Deuren open trappen

‘Als ik terugkijk had ik veel meer deuren in moeten trappen. Elke keer als ik er bijna was besloot ik te stoppen. En achteraf maakt het niks uit. Alle deuren zouden me naar dezelfde lessen leiden, alleen in een andere vorm. Dus welke keus ik ook had gemaakt, het zou goed geweest zijn. ‘

Wat mooi om mijn eigen woorden terug te lezen.

Ik heb het vast wat rommeliger gezegd. Danique shreef ze heel mooi uit, hier.

Mooie ontmoeting. Zoals ik vaker mooie ontmoetingen heb met mensen die ik van twitter of facebook ken.

En wat mooi dat ik juist in contact met anderen mijn eigen lessen kan benoemen.

Mijn blog werkt ook zo, maar dit is nóg mooier.

Want het klopt, wat daar staat.

Nú pas zet ik echt door.

Voorbij de weerstand.

En wát voor weerstand. Een week lang was ik voor mezelf niet te genieten van de angst.

En ik ben er doorheen.

Ik weet er komt meer, en ik weet ook, daar ga ik ook doorheen.

Terwijl ik alle andere keren gestopt ben, met de conclusie dat ik op het verkeerde pad zat.

Ik vermoed dat er geen verkeerde wegen bestaan.

Ik had die andere keren ook door kunnen zetten. De weerstand was toen waarschijnlijk niet groter dan hij nu is.

Misschien dat ik nu meer plezier heb in wat ik aan het doen ben, dat me dat sterker maakt. Maar nóg meer geloof ik dat het de beslissing geweest is om mijn keuze eindelijk eens serieus te nemen, die me nu verder brengt.

Daarom blogde ik dit.

Er zijn niet zo veel foute wegen.

Alle wegen zijn prachtig en alle wegen zijn anders. Ik had een geweldige trainer kunnen zijn, een geweldige leraar. Nu wordt ik een geweldige theatermaker.

Het enige wat er voor nodig is, is mezelf geweldig vinden.

De enige manier om iets te missen, is om op het kruispunt te blijven staan,
omdat je denkt dat je niet bent toegerust voor de weg die je moet gaan,
of omdat je maar niet kunt kiezen omdat alles zo leuk lijkt.

Maar het échte leuke kun je pas proeven, als je de hele weg accepteert, met alles erop en eraan.

Dat ik pas op mijn 52e een deur open trap is niet sneu. Het is nooit te laat, en ik heb me in de tussentijd niet verveeld.

Ik hou van mijn leven, hoe langer ik leef hoe meer ik er van hou.

(De magie van dichte deuren speelt een rol in mijn theatervoorstelling)

 

Afscheid van de Fantakid

“Heb je hem nu weer op voorverwarmen gezet?”

Dat doe ik wel eens. Met de pizza er in, op voorverwarmen (met grill), dan krijgt ie een mooie korstje.

Als je er tenminste bij blijft staan.

Ik wacht de “Dat wéét je toch?!!!” niet eens af, en weet niet hoe snel ik weer naar de winkel moet fietsen om een nieuwe pizza voor mijn dochter te halen.

Dat doe ik niet meer.

Ja, op de fiets springen en die pizza halen, wil ik best nog wel een keer doen.

Mezelf voor de kop slaan, en (al is het maar voor heel even) mezelf heel erg schuldig voelen, daar ben ik nu wel klaar mee.

Dat is zo maar even een heel klein voorbeeldje, maar wel typerend.

Ik heb hem door, die schuldigvoelert, de Fantakid.

Ik weet wat ie aan het doen is, en ik trap er niet meer in.

Dat weten,

én dat kunnen voelen.

Mooie start van mijn coachingstraject.