Kobe

kobe1

Ik was gisteren met Margreet bij Rheia, een uitgeverij die modulair haar diensten aan biedt.

We willen onze Kobe (ik tekst, Margreet tekeningen) uit gaan geven.

Een jaar geleden stuurde ik het verhaal naar een aantal uitgevers. Ze wilden het niet.

Dus gaan we het zelf doen.

Wat mij erg veel rust geeft is dat ik nu plek heb. De Vallei is mijn plek. Straks betaald, dat is belangrijk, maar belangrijker nog is dat ik een anker heb daar. Ik mag er zijn. Het is een thuis, een basis.

Dat geeft veel rust voor andere projecten. Ik heb niks meer te bewijzen. Ik kan ook niet meer mislukken. Mijn projecten wel, ik niet.

En met Kobe is het erg fijn dat ik dit samen met iemand doe. Dat theateravontuur was prachtig maar wel erg alleen. (Het is nog niet afgelopen, trouwens dat theater. Nu ik ook daar niets meer te bewijzen heb, kan ik er op een betere manier aan werken).

Er zijn meer verhalen dan Kobe. Er is Liedewij, de zanglijster die niet kon zingen. En ik vermoed dat mijn kameel Karel gaat heten.

En het is zo gaaf om samen te werken. Daar schrijf ik nog wel een keer een blog over.

Maar nu eerst Kobe.

Kobe was een Kameleon
die heel goed kleuren kon
niet met verf op een papier
maar met zijn lijf, dat zie je hier.

Bruin op de boom
geel op het zand
blauw in de stroom
en grijs op de kant.

In het grote bos werd hij alle kleuren groen
en Kobe kon daar zelf helemaal niks aan doen.

Kobe wilde zo graag weten:
heb ik ook een eigen kleur?
Hij kon die vraag maar niet vergeten,
al vond iedereen dat gezeur.

Voor zijn eigen kleur moest hij juist los
van al die groenen in het bos.

Los van de stroom
los van het zand
los van de boom
en los van de kant.

Dus ging Kobe uitproberen
hoe het is om los te zijn
hij sprong en sprong, maar alle keren
was zijn sprong net iets te klein

Iedereen zei tot elkaar
Die Kobe is een beetje raar.

“Hij is niet raar!, hij is juist leuk!”
Riep Lea boos, toen ze dat hoorde
“Van jullie geroddel krijg ik jeuk,
dus pas een beetje op je woorden!”

Kun je trots zijn, én verlegen?
Kobe voelde het allebei.
Hij had zojuist iets moois gekregen
en diep van binnen werd hij blij.

Hij wilde iets voor Lea doen.
Zij moest dat blije ook beleven.
Hij zou dus niet zomaar een zoen,
maar zijn kleur aan Lea geven!

Daarvoor moest hij losser dan los.
Hij zocht de hoogste boom uit van het bos.

Hij klom terwijl zijn hart stil zong,
en maakte toen de grote sprong.

Maar het enige dat hij vond
was de veel te harde grond.

Daar lag hij, veel te stil.
Lea die te laat gekomen was
gaf een harde gil
en knielde naast hem op het gras.

Kobe deed zijn ogen open
en hij wist niet wat hij zag
Hij had niet durven hopen
dat hij nu in haar armen lag.

Maar kijk, dat is bijzonder.
Daar, op Lea’s huid,
ziet Kobe een klein wonder.
“Dus zo ziet mijn eigen kleur er uit.”

Zo had Kobe toch maar even
aan Lea zijn eigen kleur gegeven.

neem je plaats in

We wandelden.

Alle vier kinderen weer eens bij elkaar. Ik loop wat achteraan en bekijk ze. Wat zijn ze groot. En wat doen ze allemaal toch stoere dingen.

Wat deed ik op die leeftijd? Ik had geen flauw idee waar ik mee bezig was. Ik rolde van het één in het ander, zonder plan, zonder zelfs maar het gevoel te hebben dat ik zelf zou kunnen sturen.

Ik wachtte, besef ik nu. In mijn hoofd zat wel van alles, maar ik wachtte tot iemand mij zou vragen.

Ik nam mijn plaats niet in.

Dat is wat ik mijn jongere zelf zou adviseren. Neem je plaats in. Maakt niet uit als je blundert. Daar leer je alleen maar van. Wacht niet op toestemming maar neem je plaats in.

Wow, wat bijzonder dat die kinderen van mij dat zo maar kunnen.

een hart om te raken en een hoofd om te spelen

 

Belangrijk genoeg om ook even een blogje over te schrijven.

D’r beur’n rare ding’n in de wereld.

Vast.

Maar ik bepaal wie ik toe sta invloed te hebben op mijn gevoel.

Dus.

Skim ik over al die ellende heen. Niet mijn wereld.

Ik heb vrienden die me af en toe vervelende dingen onder de neus wrijven, in blogs of tweets. Dat mag. Ik hoef niet helemaal wereldvreemd te worden. Ik wordt ook geraakt door schokkend nieuws. Maar wel met mate.

Mijn wereld bestaat uit de mensen die ik wil raken, waarvan ik toe sta dat ze mij raken.

Van hart tot hart.

Mijn wereld bestaat uit alles wat mijn hoofd kan bedenken.

Ik besef tot mijn grote geluk dat ik mijn hoofd steeds vaker gebruik voor spel, in plaats van pieker.

 

 

Ik ben gelukkig

Ik ben gelukkig, tweette ik vorig week.

Maar daar mag ik best een hele blogpost van maken, ook al is die kort.

Ik ben het nog steeds.

Ik ben het eigenlijk altijd.

Ik zie het niet alleen altijd.

Ik voel het wel altijd. Want ook mijn klote gevoel hoort bij mijn geluk, weet ik nu.
Daar staat niet voor niets twee keer ‘mijn’.  Voor jou is dit misschien anders.

Mijn klotegevoel hoort bij mij. Het is de keerzijde van mijn liefde, of het is de motor die me in beweging houdt.

Of het is niets van dat alles en zit er alleen maar een potje te wezen. Totdat ik het als vader het weer erken.

De volgende keer als ik weer een klotegevoel heb, vergeet ik dit allemaal weer. En als ik dit dan teruglees, vindt ik het allemaal onzin. En dat hoort ook zo. Anders kan mijn klotegevoel niet goed kloten.

 

hoofd in de wolken en voeten in de turf

Vandaag was ik in Drenthe, want daar ligt familiegeschiedenis (van mijn moeders kant)

Peter, mijn oudere broer, die van alles heeft uitgezocht nam ons (Rik en ik) mee op sightseeing.

Het begon in 1850 toen Jan Rahder, wijnkoper uit Amsterdam, vervener werd in Drenthe.

Wild west, maar dan in het oosten, want Drenthe werd toen net ontdekt en ontgonnen. Steeds verderop om nog veen te vinden. Steeds nieuwe kanalen aanleggen. Totdat het met de winning van aardgas in één klap afgelopen was.

In het boek “Publieke werken”  van Thomas Roosenboom, wordt dat verveningsavontuur verteld. (Binnenkort als film te zien!)

Jan Rahder begon in het huis Nieuweroord, en hoe cool, er is nu een heel dorp dat zo heet.

DSCN6393

Hij heeft nog eens school gesticht, de J.C. Rahderschool, omdat hij onderwijs belangrijk vond.

DSCN6396

De familie verhuisde naar Noordseschut, en Jan liet een nieuw kanaal graven.

DSCN6391

Het huis dat ze bouwden, Huize Blokland,  staat nog steeds prominent in de bocht van het kanaal.

DSCN6387

DSCN6389

Jan Rahder was de opa van mijn opa. Mijn opa bouwde zich een huis in Nieuw Amsterdam, de Tippe.

DSCN6398

Ook al weer aan een kanaal.

Daar heb ik het eerste half jaar van mijn leven gewoond, omdat mijn moeder in het ziekenhuis lag met zwangerschapsvergiftiging.

We rijden rond, en ik verbaas me over de hoeveelheid land die vroeger in de familie geweest is.

We komen bij een turfoverslag. Allemaal van mijn opa geweest. Peter kan zich nog herinneren dat hij in die treintjes gezeten heeft als heel klein jongetje.

DSCN6403

DSCN6423

DSCN6422
DSCN6417
DSCN6416
DSCN6415
DSCN6414

 

Bijzonder dagje, want ik kende de familiegeschiedenis van mijn moeders kant maar vaag.

De twee kanten die ik in me heb. Voerman met het hoofd in de wolken, en Rahder met zijn voeten in de turf. Ik ben meer van de lucht, maar dit was goed om te zien.

 

 

maybe si maybe no

Duma_whole

Ik ben nu allemaal ingewikkelde en diepzinnige boeken aan het lezen.

En dat is heel leuk, maar dat is echt niet de enige plek waar je wijsheid tegen komt. Misschien just niet.

Je komt wijsheid ook tegen bij Stephen King bijvoorbeeld.

Er schoot me vandaag een zinnetje te binnen uit Duma Key. Een heel mooi ouderwets griezelboek, maar tegelijk zoveel meer. Pijn werd zelden met zo veel liefde beschreven.

Het zinnetje is “Maybe si, maybe no.” ¹

Daar gaat zo veel relativerende kracht van uit. Het klinkt vaak door mijn hoofd.

King heeft meer van die mooie zinnen (ik had daar eerst oneliners staan, maar dat doet die mooie zinnen geen recht).

Maar ‘Maybe si maybe no’ is mijn favoriet, naast de prachtige afscheidsgroet: “We were well met”

 

¹That’s what Wireman says

 

 

 

waarom die oude katholieke kerk misschien wel heel erg cool was

Ik lees over de reformatie.

En het is eigenlijk heel modern.

De Pausen van toen gedroegen zich als de bankieren van nu.

Maar dat was niet het enige waarom veel mensen genoeg hadden van de katholieke kerk. Ze waren ook de oeverloze disputen zat, die helemaal nergens over gingen.

Die vraag over hoeveel engelen er op een naaldpunt passen is denk ik wel de bekendste. Maar wat ik verder over die discussies lees, over welke macht God, Jezus en de Heilige Geest nu precies hebben, doet me heel erg denken aan dit:

 

 

Afgezien van die Pausen was die oude katholieke kerk juist wel heel erg cool. En sowieso modern.

 

1+1=3 Nee niet die flauwe over samenwerking, maar echt

Ik lees deze

algehel geschiedenis van het denken

 

Verslavend is het, ik zit echt met rode oortjes te lezen. Vaak met een glimlach op mijn lippen.

Over kunst, wetenschap, filosofie, godsdienst. Alle grote denkers komen langs. Over de vraag of het universum echt zijn eigen (wiskundige) orde  heeft, of dat wij dat er van maken, bijvoorbeeld.

En weer vraag ik me af waarom ik daar vroeger niks mee deed. En dan herinner ik me iets.

Ik kreeg voor het eerst Wiskunde II. Razend interessant vind ik dat. Het ging o.a. over bewijzen. Nu zou ik het geheim achter de wiskunde ontdekken.

Dacht ik.

De leraar begon te vertellen dat je in de wiskunde uitging van aannames. Dat 1+1=2 ook zo’n aanname was.

Ik vroeg wat er zou gebeuren als je geen genoegen zou nemen met die aanname. Als ik uit zou gaan van 1+1=3?

“Dan ben je gek”, zei de leraar.

Ik wist best dat mijn vraag onbeantwoordbaar was. Waarom is één plus één twee? Maar het gesprek daarover had zo mooi kunnen zijn. Hier was een vraag achter een vraag achter een vraag. Een glimp van de oneindigheid.

En dan een leraar die alleen maar verder wilde met zijn les.

Ik wilde wel, maar er was gewoon niemand in de buurt die snapte hoe leuk het was om na te denken over onmogelijke vragen.

Ik ben nu flink aan het inhalen. Ik voel me jonger dan ooit.

en toch, al die mooie, echte blogs …

Als ik niet orden.

Raar woord, ordenen.

Als ik niet orden, krijg je zo’n blogpost als dit.

Dus orden ik, meestal dan. Voor jou.

For you, for you I came for you, Bruce Springsteen, en hier schrijf ik hoe mooi die Elpee is.

Dat heb ik dus heel vaak, dat ik bij een flard tekst een liedje hoor. Al luister ik al zo’n 5 jaar niet meer naar muziek.

Ik bedacht dat (dat van die liedjes) toen ik een vlammend blog wilde schrijven. Daar zat een mooie wending in. Kantelpunt van dat blog zouden de woorden EN TOCH worden.

En toen kreeg ik de associatie met: en toch en toch en toch…al die tien geboden…

Dat is uit een show van Seth Gaaikema. (Als ik Google kom ik godbetert bij het seniorenplaza uit!) Ik zag die show als kind. Het enige dat ik nog weet is dat de Blue Diamonds meedededen, bijzonder, want heel beroemd, alleen had ik nog nooit van ze gehoord. En dat hij zo’n idioot dunne microfoon had, en dat hij die zo ielig vasthield, tussen zijn vingers (Nee ik had daar geen bijgedachten bij, ik vond het gewoon raar om te zien).

En dat liedje dus.

Ik kan nog wat meer over die Gaaikema vertellen, datti ontzettend goed met tekst was (My Fair Lady vertaald) maar niet zo goed op het podium, en dat ik dat soms ook van mezelf denk. Tenminste voor wat betreft de verhouding tussen die twee. Ik zou me qua tekstschrijven niet durven meten met Seth.

Dit soort associaties moet ik uit mijn blogs ordenen, anders wordt het een onleesbare zooi. En als ik ze dan toch wil bloggen, zet ik ze in een hink-stap-sprong-blog.

Maar ja, dat lukte bij dit blog niet, omdat ik dan bij de stap al zou stoppen, en daar sta jij als lezer dan. Met je ene been ver voor je andere, een beetje te wankelen op een sprong die niet meer komt.

En toen dacht ik, ik schrijf dat hele blog (dat over die associaties dus) gewoon niet. Eén los ideetje is niet genoeg om een heel blog aan op te hangen. (En dat vlammende blog moet ik misschien ook maar niet schrijven)

En direct daarop dacht ik: JUIST WEL!

Niet alleen omdat dit mijn blog is, maar ook omdat ik soms wat kriegel word van al die mooie blogs.

Daar kan ik best jaloers op zijn, op die mooie blogs. Die zo lekker lopen, met van die catchy tussenzinnetjes, en dan heel mooi toewerken naar het punt dat gemaakt wordt, met een prachtige uitsmijter. En dan ook nog persoonlijk (anders lees ik ze niet).

EN TOCH

en toch en toch en toch

Soms wordt het me wel eens te veel, die blogs.

Soms denk ik wel eens dat wat aanrotzooien leuker is. Dat die kleine gedachten wat meer aandacht verdienen.

Daarom vind ik het niet zo heel erg, als je hier en daar de weg krijt raakt, of zelfs af haakt, op mijn blog.

Leuk als je tot hier bent gekomen. Fijn om te weten dat mensen zijn met geduld voor gekke kronkels.