hoe de werkelijkheid een sprookje werd

Leve social media.

Dat gaf mij de kans om uit mijn schulp te kruipen, en woorden te geven aan mijn gedachten en gevoelens. Mensen te ontmoeten die me snapten, zodat ik mezelf ook kon snappen.

Eeuwig dankbaar ben ik daarvoor.

Maar uiteindelijk moeten we het gaan doen met de mensen met wie wij onze fysieke omgeving delen. Dat is de stap die we nu met zijn allen moeten zetten.  Dat schreef ik hier al.

Daarom kan ik blij worden van een initiatief zoals het Wijkbedrijf Nijmegen.

Werkzoekenden en werkgevers uit de wijk bij elkaar brengen.
Niet via vacaturebanken, maar door persoonlijk contact.
Geen ingewikkelde bureaucratische procedures, maar concrete oplossingen.

Dat klinkt als een sprookje, maar het is de werkelijkheid.

Ik kan het weten want ik ga dat sprookje vertellen. Donderdag, bij de opening. Daarom heb ik de afgelopen week een aantal mensen gesproken.

Die mensen vertellen allemaal het zelfde sprookje: Warmte en aandacht, gecombineerd met zakelijke daadkracht.

Ik ben dubbel blij met deze opdracht. Ik ben getuige van een heel mooi initiatief, waar de wereld een beetje mooier van wordt, én ik mag er over vertellen.

Als je wil mag je donderdag komen luisteren in Lindenholt Nijmegen. Open huis na 16.00 uur.

 

Verras jij jezelf nog wel eens?

Op zoek naar duiden wat onduidbaar is.

Wat het verschil is tussen zo maar een gesprek en een echte ontmoeting.

Gisteren had ik er weer eentje, zo’n mooie ontmoeting. Natuurlijk is er dat gevoel, dat aangeeft dat het bijzonder was, maar kan ik dat ook een klein beetje tastbaarder maken? Niet om het te vangen, maar om het te delen. Hier bijvoorbeeld.

Ont-moeten is al een mooie beschrijving. Niet het gevoel dat je iets moet naar elkaar toe, dat het al goed is, zoals het is.

Stil kunnen zijn met elkaar. Dat is ook een goede indicator.

En jezelf verrassen. Niet het verhaal vertellen dat al klaar ligt, maar dingen over jezelf delen waarmee je jezelf weer anders kunt zien.

Dat is wat er gisteren gebeurde, mezelf verrassen. Daar is dus lang niet altijd een coachingsgesprek voor nodig.

Een echte ontmoeting doet dat ook.

Ik denk dat de wereld daar een stuk mooier door wordt, door op elkaar (en daarmee jezelf) meer tijd te geven.

 

 

het is goed zoals het is

Ik had gisteren een leerervaring, en die zijn, als je er midden in zit, niet echt leuk.

Maar vandaag voelt goed.

Ik wordt altijd een beetje kriegelig als geluksgoeroes schrijven dat geluk een beslissing is. Een beetje makkelijk, vind ik. een beetje voorbijgaan aan wat iemand allemaal kan overkomen ook.

Maar nu vandaag voor mij, is het waar.

Mijn beslissing om me goed te voelen, om mezelf goed genoeg te vinden, is zijn vruchten aan het afwerpen.

Die andere stemmetjes zijn niet zo maar opeens weg hoor, geen halleluja en zo, maar wel stevige vastberaden ferme passen op weg naar boven.

Werken om te verbeteren, en tegelijkertijd vrede met wat er is. Die balans vraagt voortdurend aandacht. En dat is goed.

 

fouten maken is niet erg

Een festival met een theatertent, en ik krijg de kans om een paar stukken uit mijn theater te doen.

Fijn.

Maar het ging slecht.

Ik kwam niet los van de spanning.

De les: Ik week  te veel af van mijn vaste theatervorm, half gekozen, half gedwongen. Kennelijk heb ik de structuur harder nodig dan ik dacht.

Zwaar gewond reed ik naar huis.

Thuisgekomen was het bloeden gelukkig gestopt. Geen hechtingen nodig. Het schrijnt nog wel een beetje.

In mijn hoofd vertelde ik mezelf het volgende.

Ooit leerde een schoolvriend mij surfen. Hij zei: “je moet je een paar keer expres achterover laten vallen, anders krijg je nooit het gevoel voor de juiste balans. Dat is dus wat ik vandaag gedaan heb. Zo ver los komen van de structuur dat ik viel. Die val was nodig om zelf mijn balans te kunnen vinden.

Een mooi verhaal, en het geeft troost, dus ik koester het. Maar het is niet het hele verhaal.

Daaronder ligt een dieper probleem, en tegelijkertijd een grote uitdaging.

Al een tijdje loop ik wat te kniezen en te worstelen. Heel veel dingen gaan niet zoals ik wil, en het is lastig om vol te houden. Mijn stemmingswisselingen grenzen soms aan het bipolaire. Ik kan mezelf geweldig voelen, maar de neerwaartse buien zijn hevig, dit jaar.

Langzamerhand is het “je-moet-het-nog-wel-verdienen” virus bij mij naar binnen geslopen. Tja, verminderde weerstand. Het gevolg is dat ik al een tijd lang niet onbezorgd heb kunnen genieten. Want eerst moet . . . vul maar in.

Zo ben ik vandaag de voorstelling in gestapt: Je moet het wel waarmaken straks. Vlak daaronder ligt de veronderstelling: “want wie wil er nu naar je komen luisteren?” Een dodelijke vicieuze cirkel. Want daarmee onthoud ik het publiek mijn positieve energie. En ik heb het gevoel dat dat ook een reden was dat het vandaag niet liep.

En dat is nu mijn opdracht. Die cirkel omdraaien.

Laat ik maar eens beginnen met dankbaar te zijn voor de mensen die zijn komen kijken, en mij mijn uitglijder gunden. (Bedankt lieve mensen) Dankbaar voor deze gelegenheid om de fouten te maken waar ik veel van leer. Dankbaar voor een schitterende dag op een mooie plek.

Heel langzaam begin ik het is-al-goed gevoel terug te krijgen.

Vanavond eerst maar eens onbezorgd gaan genieten, bijvoorbeeld van het feit dat ik vandaag in ieder geval behoorlijk veel lef gehad heb.

 

 

 

 

niks plichtmatig!

Dat je iets heel doms doet.

Dat voor anderen niet leuk is. Een virus op facebook bijvoorbeeld, en direct de dag er op nog iets dommers.

Dat je door de grond gaat.

Je excuses aan biedt, maar dat voelt zo ontoereikend.

En dat je dan leest dat je excuses aanvaard zijn.

Tranen.

Geen ‘plichtmatige’ uitwisseling dus, die excuses, en al helemaal niet de acceptatie daarvan.

Geraakt worden, en dan beseffen dat die mensen dus echt iets voor je betekenen.

Dat voelen.

 

Is er toch nog iets moois uit voortgekomen.

(maar degene die vandaag tegen me zegt dat fouten maken goed is krijgt een klap!)

kun je vrede sluiten met je eigen onvrede?

Ik heb gisteren voor het eerst een verhaal verteld op een woonvorm voor mensen met een verstandelijke handicap.

Ik vond dat spannend, want er waren lessen te leren daar.

Het liefst zou ik hier willen vertellen hoe ontroerend mooi het was, en welke overdonderende inzichten ik gisteren kreeg.

Maar het was gewoon heel gewoon.

Het was goed. Het kon allemaal veel beter, maar het was al goed. Geen prachtige fouten waar ik van kan leren. Geen openbaringen.

Het was ook fijn om daar te zijn. Het was goed om mee te gaan in een lager tempo, in een sfeer waarin niet zo veel hoeft. Dat was goed toeven. Dat was ontspannen, zelfs al deed ik iets spannends.

Tevreden?

Ja, tevreden.

En toch.

Het schuurt.

Ondanks de rust, ondanks het plezier.

Die wetenschap.

Dat het allemaal beter kan.

Ik weet het wel, het hoort er bij. Ik kan alleen maar iets leren door het te doen. Alles wat ik doe wordt pas echt goed als ik het veel vaker doe. En dat betekent dat ik vele keren iets moet doen dat goed genoeg is, maar dat eigenlijk niet aan mijn eigen eisen voldoet. Dat is ongemakkelijk.

Maar als ik dat weet, dan kan ik daar toch vrede mee sluiten? Met de wetenschap dat het altijd beter kan?

Kan dat?

Vrede sluiten met je eigen onvrede?

Of ontneem de je onvrede daarmee ook zijn creatieve kracht?

 

 

 

 

 

ruimte geven aan kwetsbaarheid

Wat zeg je?

Ik zeg dat nog al eens. Soms zelfs meerdere keren achter elkaar.

Dat kan irritaties oproepen.

Maar dat heb ik zelf in de hand natuurlijk.

Als ik er zelf last van heb dat ik iets niet versta, neem ik de irritatie het gesprek mee in.

Dat gebeurt ook als ik plaatsvervangend last heb. Als ik bang ben dat de ander het vervelend vindt dat ik steeds maar wat zeg je roep.

Het is dus mijn werk om daar mee om te gaan. Met dat ‘wat zeg je’. Als ik niet kan accepteren dat het er bij hoort, hoe kan ik dat dan van anderen verwachten?

Ik weet dit wel natuurlijk. Ik heb er trainingen in gegeven.

En toch. Steeds als ik me in nieuwe situaties begeef is, speelt dit mee.

Ik schrijf dit nu omdat ik zaterdag ga vertellen op de woonvorm van mijn maatje. Vertellen voor mensen met een verstandelijke handicap. Spannend voor mij. Want het gaat geheid interactief worden. En ze praten niet allemaal even duidelijk.

Ik ga goed voorbereiden en dan alles loslaten. Ik ga zaterdag mee op de flow. Tenminste, dat is mijn wens.

Dat is open staan in kwetsbaarheid. En ik snap nu ook weer heel goed waarom we dat zo weinig doen.

Oefenen moeten ik, moeten we allemaal.

Want er komt zo veel moois uit voort, als je durft te laten gebeuren wat er gebeurt. Als er ruimte is voor onhandigheden. Als het er allemaal mag zijn. Ik hoop dat zaterdag weer eens te beleven. Als er één plek is waar dat kan dan wel op de woonvorm van mijn maatje.

Ik ga het niet alleen daar doen. Ik ga mijn onhandigheid vaker een plek geven. Ik wil als een wig ruimte gaan scheppen voor alles dat we nu nog krampachtig voor elkaar willen verstoppen.

Vanmiddag ga ik met Xandra een workshop voorbereiden die daar over gaat. Hoe doe je dat nu in het dagelijks leven? Ruimte geven aan kwetsbaarheid?

En kom  25 september naar MNL14. Ook daar ga ik bewust spelen met mijn gehoor, om de boel open te breken.

Het is tijd voor de acceptatie van onze onhandigheid (want daar zit onze pracht).