je mag het kennelijk niet niet weten als leraar

Mijn coaches gaven dit jaar aan dat ik wel eens zichtbaar nadenk in de klas. Dat zou volgens hen de kinderen een signaal geven dat ik het niet weet. Dat zou onrust veroorzaken.

Van de site van Meester Arthur.

Dit meen je toch niet echt? Dat er coaches zijn die leraren moeten helpen in de klas, en dat ze dan zoiets zeggen?

Lieve help. Niet weten is heel hard nodig in het onderwijs. Niet weten is de voorwaarde voor leren. Het wel weten is de vijand van leren.

Wat moeten kinderen leren van een leraar die niet meer kan leren?

En dan heb ik het nog niet eens over de kramp waarmee je je coachee opzadelt.

Mogen deze coaches weg, alsjeblieft? Ze verpesten het onderwijs.

 

kan een blogger een boek schrijven?

Het antwoord is dat vele bloggers al hebben bewezen dat het kan.

Maar dat is mijn vraag niet. Mijn vraag is natuurlijk of IK het kan. Ik gebruik het woord blogger omdat bloggen voor mij directe behoeftebevrediging betekent. Ik schrijf iets en ik krijg direct reacties. En zelfs als ik ze niet krijg. Het is af. Het staat er, te zien voor iedereen. En al het niet zo goed gelukt is, morgen is er weer een kans.

Dat is ook een beetje lui, natuurlijk.

Kan ik, die steeds sprintjes trekt, wel een lange afstand lopen? Ik moet voor onderweg mijn eigen beloningen gaan maken. Zoals Jelle Brandt Corstius dat i zijn boek “As in tas” deed op zijn fietstocht. Hij liet zich aanmoedigen door een denkbeeldige Mart Smeets.

En ik moet strenger worden. Want die morgen is er weer een dag wordt anders.  Ik moet gaan herschrijven en nog een keer herschrijven, en nog een keer.

Ik heb een schrijfcoach nodig. Marcel van Driel wil wel, maar natuurlijk alleen als die echte schrijver in mij huist. Hij gaat niet aan een dood paard trekken.

Ik heb 7000 woorden, meer dan een blog ja, maar nog niet genoeg. En nu al weet ik wat er anders moet.

Ik ben ook al aan het procrastineren, ik heb een proefversie van scrivener gedownload, en ben aan het bekijken wat je er mee kunt. Ik vermoed dat ik het nodig heb, als ik niet wil verdwalen in wat er is, wat er nog niet is, en wat nog anders moet.

Nu al bang om alle fouten te gaan ontdekken waarvan ik nog niet eens weet dat ze bestaan.

En om mezelf een schop onder de kont te geven ga ik  een dinges schrijven. Een samenvatting/outline of wat voor fancy words daar voor bestaan. (Mooi procrastinatie idee: gaan opzoeken waar zo’n dinges aan moet voldoen, en hoe ik het moet noemen)

Wat me voortdrijft is dat het echt heel mooi wordt, en vooral heel nodig. Ik heb een proeflezer die verslaafd is, en het een openbaring vindt.

Bij pubers die ik vorige week het verhaal in ultra korte vorm vertelde, zag ik het verhaal landen.

Ik zie kinderen op school die het nodig hebben om te weten dat ze niet de enigen zijn die zo denken.

Die zo is:

Een hoofd dat alles wat het ziet, hoort en voelt, analyseert. Er een 3D plaatje van maakt dat het draait en binnenstebuiten keert om het van alle kanten te bezien. Om vervolgens heel hard te botsen met een wereld die al die dubbele lagen niet kan zien. Om nieuwe pijn te voorkomen gaat dat hoofd nóg harder puzzelen om op nieuwe manieren te reageren, waarbij het minstens 3 zetten vooruit denkt. Uiteindelijk trekt het de conclusie dat het een boter-kaas-eieren spel is dat niet te winnen valt.

Die jongen, met dat hoofd is de held van mijn boek. En de lezer kijkt mee in dat hoofd, en dat is waar de echte actie zal zijn.

Veldslagen met monsters zijn er ook, maar dat is leuk voor de film straks.

Ik vertel het vast, want ik heb crowdfunders nodig, vermoed ik. Laat hieronder vast even weten of je interesse hebt.

Ja, het boek heeft een boodschap en als hij denkt dat ik het kan, gaat Marcel me helpen om te zorgen dat je daar niets van merkt bij het lezen. Marcel kost wat hij waard is, daarom die crowdfunding.

 

Zouden ze weten hoeveel pijn het doet?

passend onderwijs

Bianca mag niet mee op schoolkamp, omdat ze een Oppositioneel Opstandig Gedrag stoornis heeft.  (lees het hier)

Los nog van het feit dat het me een heel gezond lijkt om opstandig te zijn, tegen gezag. Wat doe je een kind aan?

Wat doen we in Nederland kinderen aan, met ons reguliere schoolsysteem?

Verdrietig word ik er van, als ik weer zo’n verhaal hoor. Bijvoorbeeld van een kind dat een rekenboek van groep 4 krijgt, omdat hij in groep 4 zit, zelfs als blijkt dat hij dat niveau ver voorbij is. En als die  jongen dan heel erg zijn best doet om zijn verveling niet te laten blijken, maar er gewoonweg niet in slaagt, krijgt hij het etiket lastig.

Ach. De verhalen zijn overbekend.

Ja, en dát is nu juist zo triest. Elk verhaal is een leven.

 

lummelen

meesterproef

 

 

Lummelen.

lummelen

Niets doen. En dan niet NIETS doen, als in heel erg Zen zijn. Nee, gewoon allemaal nutteloze dingen doen, met als toppunt naar de voortgang van een windowsinstallatie kijken.

Dat.

En dan jezelf oké vinden.

Goh, heb ik toch nog iets goed gedaan vandaag.

Een land waar alles bestaat

Ik begon vandaag met “De Valleidragers”

Elke ochtend beginnen we met een moment van samen zijn, kletsen hulp vragen, hulp aanbieden. Voor wie wil. Dus soms is het druk en soms zijn we met zijn vieren. Zoals vandaag. Gewoon kinderen die vandaag op deze manier wilden beginnen, zonder dat ze een speciale vraag hadden.

Dus gooide ik het verhaal van mijn boek in de groep. Omdat het me leuk leek om ze mee te laten denken. (En omdat de hoofdpersoon lessen leert waar deze kinderen middenin zitten)

Want stel nu eens, dat er een land is waar alles bestaat. Alles wat je kunt bedenken is er ook echt.

“Dat is leuk én niet leuk”, zei er eentje direct.

Precies. En daarom was het zo leuk om met elkaar van gedachten te wisselen. De antwoorden riepen weer nieuwe vragen op, dus ik besloot later in de filosofieles er mee door te gaan.

Bijzonder is dat in zo’n land, de waardes helemaal anders komen te liggen.

Wat is bijvoorbeeld heel veel waard?

Een boek! zei iemand. Want je kunt dus alles krijgen wat je kunt bedenken, maar een mooi boek kun je niet zelf bedenken, tenminste niet als je het wil lezen.

We maakten een lijstje van wat er aan waarde overbleef.

Eigen fantasie, natuur en vriendschap eindigden hoog.

En ik, weet weer beter hoe dat land er uit ziet voor mijn boek. En ik moet extra personages gaan toevoegen. Kinderen willen zichzelf graag terugzien in het boek.

Als vertellen als vanzelf gaat

Ik was op het Ponderosa festival, om onze verwonderfabels-kaarten te verkopen, en om te vertellen.

De verkoop liep niet zo, het vertellen wel.

Voordat ik vertel over het vertellen eerst even waarom ik toch bij ben met die verkoop. Want ik kon zien dat de kaarten iets deden. Ze raakten. En dat is precies waarom we ze maken. (Je kun ze hier vinden)

Het vertellen,

aah     het vertellen.

Ik had heel divers publiek. Kinderen vanaf ongeveer 5 jaar¹, pubers en volwassenen. Gelukkig hebben mijn verhalen meerdere lagen, en ze werkten gisteren op alle niveaus.

Dat is geluk!

Mijn medeverteller is verliefd geworden op Liedewij, en heeft me gevraagd of zij het mag opnemen in haar repertoire. Dat mag!

Intussen tekent Margreet verder aan Liedewij :

liedwij 1 liedwij 1a

liedewij2  liedewij 2a

 

 

 

¹

Gelukkig niet van 2 of 3 jaar.  Lieve ouders doe de andere luisteraars een lol en neem die heeele jonge kinderen niet mee naar een verhaal, als dat niet uitdrukkelijk bedoeld is voor dat piepjonge volk. Ze kunnen de aandacht er niet bij houden, maar houden wel de aandacht van alle anderen weg bij het verhaal.

 

o, was ik zo!

Ik ben een paar spiralen verder dan vroeger. En nu tijdens het schrijven van mijn boek, kijk ik terug.

En het leuke is dat ik mijn vroegere zelf door de ogen van verschillende personages kan bekijken.

Jee. Wat een eye opener.

Nu kan ik sommige reacties plaatsen. Nu zie ik wat ik op riep.

Wat?

Nee, dat bewaar ik voor het boek.

Nee, het wordt geen zelf-hulp boek. Het wordt een spannende  jeugd fantasy.

(En stiekem toch een zelf-hulp boek voor hooggevoelige beelddenkende, hopeloos chaotische, nou ja, hele gave kinderen, die een beetje op mij lijken.)

#blogpraat

we gaan zo beginnen met blogpraat, onderwerp is: Kan dat, een avond geen blogpraat?

 

Ja, we gaan van start. V1 Hoe belangrijk is regelmaat, en kun je dat onderbreken?

 

Ik kijk even mee, maar ik denk dat ik straks afhaak. Geen behoefte om over regelmaat te praten. Ik blog voor mezelf, heb mijn eigen maat. Geen regels.

 

Ik blog elke dag, die discipline heb ik nodig, om mezelf aan de gang te houden, en het heeft me zo veel gebracht, maar ieder zijn eigen regels toch?

 

Mogelijk zelfstandig in het Nederlands gevormd uit → regel ‘gewoonte, voorschrift, ordening’ en -matig ‘wat betreft, volgens, overeenkomend met’, letterlijk ‘naar de maat van’, zoals ook in doelmatig ‘efficiënt’,

 

Ik probeer mijn stukken over orgels wel een beetje af te wisselen met wolken, boeken, fietstochten en Haiku’s. Maar ik gebruik daar geen kalender voor.

 

Ik zorg er in ieder geval regelmatig voor dat het thema van mijn blog gewisseld wordt

 

Net als met schilderen helpt de regelmaat mij om aan de gang te blijven, maar ik laat het me niet bepalen. Bloggen moet leuk blijven.

 

Er is elke keer zo veel nieuws op mijn vakgebied. Als ik niet regelmatig blog, kan ik dat niet bijhouden.

 

Veel te lang stil gelegen, maar ik ga weer knallen!

 

Mijn klanten missen het niet zo, als ik een keer oversla. Maar mijn blogs zijn informatief, en worden ook op onderwerp gevonden. Het is geen feuilleton.

 

ojee, bijna blogpraat gemist. kan het nog?

 

Natuurlijk, altijd welkom, geen regels weet je nog?

 

Hoi, er is nog koffie

 

o wacht de kinderen moeten naar bed

 

o, heb ik al die tweets de hashtag vergeten

 

Regelmaat kan wel helpen met lezerspubliek opbouwen

 

Ik blog elke dag, als morning paper, Inshallah. Soms haalt het leven mijn regelmaat onder me uit. En het leven gaat voor.

 

Pinksterblog

Uitstorting van de Heilige Geest. Dat is Pinksteren.

En ik ga daar een blogtraditie van maken. Elke Pinksteren ga ik mijn geest uitstorten op mijn blog.

Nou doe ik dat altijd al, maar nu ga ik nóg minder redigeren. Dit wordt een echte bewustzijnsstroom. Die cursor mag van mij alleen teruglopen voor een typfout.

Ik heb de hele dag zitten wachten tot er wat moois mijn bewustzijn binnen stroomde, maar zo werkt dat natuurlijk niet, dat is vals spelen. Ik heb een heel leeg hoofd, en toch moeten hier zinnen komen. Liefst nog moeten mijn vingers in hetzelfde ritme blijven tikken. Ben ik even blij dat ik langzaam typ.

Nou ja. Ademhalen. Dat mag. Mijn witregels zijn mijn ademhalingen. Mensen vinden ze vaak irritant, maar ik kan niet meer zonder. Taal is ritme. Schrijven is breeduit dichten.

De laatste minuten zijn er allerlei gedachten langs geweest die niet de moeite waard waren. Dit zijn ze.

  • Ik wil schrijven over mijn schrijven, dacht ik, maar dat moet ik niet doen, je moet pas schrijven over je schrijven als je genoeg hebt geschreven, anders ben je zo’n would-be schrijver die veel over zijn boek lult dat er nooit komt.
  • Goh, het ziet er toch eigenlijk wel mooi uit buiten, voor een koude dag.
  • zal ik eerst een glas wijn nemen, zou dat beter schrijven?
  • Mijn blik gaat over de bundel van Stephen King die naast me ligt en waar ik een verhaal van ga bewerken om te vertellen op het festival op de Duivelsberg op 18 juni, en op de catalogus van Jan Toorop die ik nog wil lezen om er leerlingen over te vertellen, en op de geschiedenisboeken, idem, en dan zijn er nog de gedichten.
  • Zijn jouw lezers wel geïnteresseerd in deze flauwekul?

En daar ben je weer lezer. Je bent er altijd als ik schrijf, wist je dat? In eerste instantie schrijf ik voor mezelf, om mijn gedachten te lezen, maar jij bent er altijd bij, en dat helpt, want als jij het snapt, snap ik het ook.

Hm, tot nu toe valt het me tegen, wat er uit mijn hoofd rolt, ik heb nog geen gave gedachte gezien, zelfs geen saaie maar dan mooi verwoord. Minstens één van die twee is mijn streven. En mijn cursor is terug geweest om van een komma een punt te maken, ik speel nog vals ook.

Ik ga door.

Want wat ik tot nu toe deed was er overheen praten over mijn gevoel.

Ik moet het namelijk toch over dat boek hebben, besef ik nu, een jeugdboek. Niet over dat boek maar over wat het schrijven ervan met mij doet. De hoofdpersoon maakt de fouten die ik heb gemaakt, en ik word er verdrietig van. Wat ben ik alleen geweest.

Dat.

Wat ben ik alleen geweest.

Ik wil hier van alles omheen zetten omdat ik vind dat het veel te dramatisch klinkt. Ik wil zeggen dat ik fijne ouders had, fijne broers. Mooie vriendschappen. En dat is allemaal waar.

Maar het verandert die andere waarheid niet.

Wat ben ik alleen geweest.

Misschien waren dat die tranen wel.