het is goed als

Het is goed als je met regelmaat denkt: “Hoe kon ik ooit zo stom zijn?”

Omdat het betekent dat je blijft leren.

Het is goed als je een hekel hebt aan het idee dat de wereld een leerschool is.

Omdat die hekel jou zegt dat je goed bent ,zoals je bent, en dat is waar.

Het is goed als je het heel zeker weet.

Het is goed als je aarzelt, als je twijfelt.

Het is goed als je zonder oordeel kunt zijn.

Het is goed als je voor je mening op komt.

Het is goed als je geen zorgen voelt.

Het is goed als je domweg gelukkig bent.

Het is goed als je boos bent, of verdrietig.

Het is goed als je dit leest en denkt: “Dat kan niet, dat alles goed is.”

Daarom is het goed dat je ook fouten maakt.

 

 

wat nou, jezelf zijn?

Dat is natuurlijk zo vaag als wat!

Jezelf zijn.

Wanneer ben je nou niet jezelf dan?

Het bestaat niet eens jezelf zijn!

Begrip van niks, dus dat jezelf-zijn.

Toch is dat de kern van mijn theater.

Mensen die tegen de muren op lopen omdat ze niet geaccepteerd worden zoals ze zijn.

En andere uiterste: Natka, die zo zichzelf is dat ze daarmee haar relatie op het spel zet.

“Je kunt niet jezelf zijn, in een organisatie”, roept Natka. “Vroeg of laat loop je met je kop tegen de muur!”

Ik deed dat meerdere keren, dat met die kop en die muur.

Dus ook al bestaat het niet jezelf zijn, er is toch iets aan de hand. Want dat met je kop tegen de muur lopen doet pijn, en laat wonden na.

Dus tijd voor een onderzoek.

Kan het ook anders?

En wat is dan anders?

Daar ga ik naar op zoek.

En dan ga ik ook ontdekken wat dat nou wel en niet is, jezelf-zijn.

Ik ben op zoek naar mensen in loondienst die het gevoel hebben dat ze zichzelf kunnen zijn op het werk, dat ze gezien worden, dat ze hun ei kwijt kunnen.

Dat ze het misschien af en toe heel zwaar hebben, fouten maken, slechte dagen hebben, maar dat dat allemaal niet op weegt tegen het diepe vertrouwen dat ze werk doen wat bij ze past. In een omgeving waar ze gezien worden.

Nou ja, zoiets. En ik ga ze dan ook vragen, wat dat voor hen betekent, jezelf-zijn.

Ik ga ze vragen naar het geheim.

Ik ga uiteenrafelen waar dat uit bestaat: jezelf-zijn.

Ik ga ontdekken wat de succesfactoren zijn.

En daar ga ik over schrijven.

 

Als jij ‘jezelf bent’ in je werk, in loondienst¹, zou ik je graag via email willen interviewen.

En als je niet in loondienst bent, dan hoor ik ook graag van je:

– wat is voor jou jezelf zijn?
– wanneer kun je wel jezelf zijn?
– wanneer kun je niet jezelf zijn?

mail dan naar jacobjanvoerman@gmail.com

 

 

¹ Ja, hoor eens. Als je voor jezelf bent begonnen, dan was dat toch omdat je niet helemaal jezelf kon zijn, op je werk, of niet?

 

 

Ha fijn dacht ik, ik heb iets speciaals! Maar nee hoor.

Met Natka bij Noord Hollands Dagblad

Ik ben verlegen.

Dat is waarom ik theater maak.

Onhandige combinatie.

Niet op de planken hoor. Daar verdwijnt mijn verlegenheid, omdat ik daar lol heb. Daar heb ik de ideale setting om mijn gedachten los te laten, daar voel ik me net zo vrij als op mijn blog.

Maar zorgen dat ik op die planken sta, en publiek heb. Daar heb ik nog wat minder lol in.

Daar heb ik er dan ook stevig last van.

Van die verlegenheid.

Tegenwoordig hoor je veel over introverte mensen. Dat het geen verlegenheid is, maar een andere manier van omgaan met de wereld. Dat het juist een hele mooie eigenschap is, die veel toe voegt.

Ha fijn, dacht ik. Dat is het. Ik hoef me nergens voor te schamen. Ik heb juist iets speciaals.

Maar nee hoor.

Ik ben misschien wel introvert.

Maar ik ben ook nog steeds verlegen.

Dat weet ik, omdat er bij contact met vreemden steeds een stemmetje in mijn hoofd speelt. Ze vinden je niks aan, hebben geen boodschap aan je. Ze vinden je alleen maar lastig, of vreemd.

Ik ben een originele denker. En origineel betekent niet altijd meteen “leuk”, of “slim”.

Origineel is ook: “Waar heeft dat nou mee te maken?”

Origineel is vaak ongemakkelijk, zeker in het begin.

Dat ongemakkelijke is wat mij overkomt bij eerste contacten. (Behalve als de setting helemaal klopt, maar dat is niet vaak.)

Dat heeft zich in de loop van de tijd in mijn hoofd omgevormd tot het stikkertje “ongewenst”. En dat is natuurlijk een self-fulfilling prophecy.

Dat ik daar niet zo maar 1-2-3 vanaf ben, ontdekte ik gisteren. Toen ik mezelf  face to face ging verkopen.

Ik was zo opgelucht door het feit dat ze me niet vreemd vonden, dat ik genoegen nam met welwillend luisteren.

Welwillend is niet genoeg. Ze moeten laaiend enthousiast zijn.

Dat kan.

Dat weet ik, want dat lukte twee van de acht keer wél.

Laat ik nou net die twee keer in mijn hoofd gedacht hebben: “dat kan hier ook niet anders”. Daar was de setting beter.

Daar heb je hem weer. De kracht van gedachten.

Die gedachte dat het wél anders kan, dat ik met één verkeerde beweging in het vakje ’te vreemd’ terecht kom. Die gedachte ben ik nog niet kwijt. Daarom houd ik mezelf nog te veel in.

Daar heb ik nog werk te doen.

Dan raak ik ook eindelijk die verlegenheid kwijt.

Gisteren heb ik daar de eerste stap voor gezet, en dat vind ik knap van mezelf.

 

Sterk willen zijn

De grootste borden voor je kop zie je niet.

Tot je ze breekt.

 

Ik voel me verantwoordelijk.

Wilde mijn zorgen weg houden van mijn gezin.

Iets groots van plan zijn betekent ook om leren gaan met tegenslagen.

Ik wil ze daar niet mee lastig vallen. Het was mijn keuze toch? Mijn verantwoordelijkheid? En ik ben kostwinner, dus!

Maar ik voelde me steeds eenzamer.

Tot ik vandaag hardop zei dat ik hun steun nodig had. En de tranen even liet stromen.

Ik kreeg onvoorwaardelijke liefde terug.

Waarom was ik ook al weer zo stom om in mijn eentje sterk en stoer te willen zijn?

 (en welke borden ga ik nog breken?)

Mijn wijze overgrootmoeder

verakde

Toneelspeler wilde hij worden,

to-neel-speler!

Eduard Verkade, zoon van de oprichter van de Verkadefarieken, schreef zijn ouders dat hij de Trijpweverij ging verkopen.

Moeder Verkade schreef bezorgd naar haar dochter Anna, of die haar kleine broertje niet wat verstand kon bijbrengen.

Anna Voerman-Verkade (mijn overgrootmoeder) schreef terug.

Het is wel wonderlijk dat vescheidenen uwen kinderen u moeilijkheden geven, onverwachte onmaatschappelijke dingen doen¹ en ondanks alles gelukkig worden en méér mensch zijn, méér intens leven, waarlijk leven, dan hoopen gewone, beste, sleurmenschen die nooit van het paard vielen omdat ze nooit op zo’n beest zaten en omdat ze misschien ook te benauwd waren om op een paard te steigen!

voorjaar 1904

Eduard is een groot toneelspeler geworden. Deze brief heb ik uit het boek over hem, dat ik nu lees.

 

 

¹ Anna zelf trouwde met de kunstschilder Voerman. Jan Verkade, een andere broer van Anna, kreeg les van zwager Jan Voerman (sr.) en werd ook kunstschilder. Hij zat met o.a. Gauguin in Frankrijk. Gelukkig bleven er nog broers over voor de fabriek.

 

wanneer voelt het goed? #kommaarop

Dat is waarom ik theater ging maken.

Omdat al het andere niet goed voelde.

Goed genoeg, maakte ik mezelf wijs. Mag ik zelfs heel blij mee zijn, vond ik.

Maar het was niet goed.

Omdat ik me in hield. Mezelf niet voluit kon geven.

Omdat ik ergens in mijn leven kennelijk de beslissing nam dat het niet oké was om op de voorgrond te staan.

Pas toen ik dat van mezelf weer mocht, kwam er van alles los.

Alles dat ik achter dikke grendels verstopt had, kwam vrij.

Niet in één keer hoor. Ze blijven nog steeds komen, de ontdekkingen.

Net als de soms hevige neiging om alles weer gewoon terug te stoppen. Omdat het soms wel héél erg spannend wordt.

En langzamerhand gaan de dingen op hun plek vallen.

Want er is nu een nieuw soort zwaartekracht.

Dat wat ik écht ben, inclusief al die dingen waarvan ik vond dat ik ze moest verstoppen. (Sommige dingen verstopte ik zelfs voor mezelf, altijd even schrikken als ik er zo eentje ontdek.)

Die zwaartekracht weet heel erg goed wat past en wat niet.

En het leuke is, daar komen nu vanzelf de oude dingen, die wel goed bij me pasten, weer bij.

Alles wat nu nog de ruimte in zweeft, hoort er niet bij, heeft er nooit bij gehoord, en kan ik los laten.

Dat vraagt soms nog steeds moed.

Het voelt niet altijd comfortabel.

Maar het voelt wel goed.

 

En als de benauwdheid toch een keer heel hevig zijn kop op steekt, dan spreek ik mezelf even toe:

 


 
koop een kaartje

 

deze blogpost is een onderdeel van de kommaarop

lees ook de andere bijdragen:

van @hogepony
van @vormpraat

Mijn zorg over de zorg, in mijn theater

NS4A6894

Ik ben interviewer geweest in de zorg.

Klanttevredenheid meten, de zogenaamde CQ index.

En omdat we in Nederland de “Cito koorts” hebben, moet die klanttevredenheid langs een wetenschappelijke maatlat.

Met een wetenschappelijk ontwikkelde vragenlijst.

Met cijfertjes en marges. Met normering. In tabelletjes.

Kunnen mensen de beste kiezen.

betrouwbare, valide en vergelijkbare informatie over de kwaliteit van de zorg

noemen ze dat.

En dat is jammer.

Wat is er mis met gewoon bruikbaar?

Ik hoorde zo ongelofelijk veel over de kwaliteit van de zorg. En dat kon ik allemaal niet kwijt in die vragenlijst. Dat was te genuanceerd, te persoonlijk. Niet op te tellen.

Met de informatie die ik kreeg, maar dus niet kon noteren, hadden verzorgingshuizen de klanttevredenheid op een hele goedkope manier kunnen verhogen. Juist omdat het om beleving gaat.

De kwaliteit omhoog

voelbaar voor bewoners

maar dus niet meetbaar.

En daarom komt niemand het te weten.

Jammer, die gemiste kans.

Ik word daar eigenlijk heel boos over. 

Dus maak ik er theater van. Het zit er in, deze malle manier van meten.

Ik hoorde een paar keer mensen lachen om dat stuk. Het kan niet anders dan dat die in de zorg werkten. Het was een lach van herkenning.

Gelukkig weten steeds meer mensen in de zorg waar het écht om gaat. Dat zijn de mensen die het wél weten. Omdat ze weten dat ze moeten luisteren, en niet tellen.

Die mensen zie ik graag terug in mijn theater, en neem dan een cijferliefhebber mee. Is goed voor de zorg.

 

Bestel hier je kaartje

Schop onder de kont, actie, #fail, leren, en door.

Er gebeurt veel, op weg naar Carré. Niet altijd even zichtbaar, misschien, maar toch.

Vandaag een lesje geleerd. Dat mag ook wel, want daar heb ik een coach voor.

Nu moet je weten dat ik vroeger redelijk beschermd ben opgegroeid. Net niet verwend, denk ik, maar wel aardig in de luwte gezeten. Mijn beide broers hebben zich daar op een of andere manier uit gevochten, maar ik niet.

En dus moet ik de weerbaarheidslessen alsnog leren.

Want ik loop te veel als een kip zonder kop rond. Zet van alles in werking (ook goed dingen) maar echt systeem zit er niet in.

En de deadline van 10 mei komt in zicht.

“Waar zit je publiek?”, vroeg mijn coach.

Ik vertelde hem dat het publiek zich kenmerkte door thema’s  jezelf zijn, de zorg, onderwijs, doof/slechthorend. Dat had ik inmiddels wel op een rij.

Waarom benader je die clubs niet met een goed aanbod?

Ook al gedaan.

Ja, met de clubs die ik kende, binnen mijn comfort zone.

Maar als het echt nodig is, is het nu de tijd voor stappen daarbuiten. Waarom benader je geen verzorgingshuizen, ziekenhuizen, scholen, met een aanbod voor groepskorting?

En dan niet via twitter, facebook, of mail. Nee, ga ze bellen! Ga er op af. Zet je over die angst.

Ook dat spook de deur uit.

Bellen dus.

Eeeh.

Ik dacht even aan mijn slechte oren.

Maar eerlijk is eerlijk, soms gaat het ook wel goed, een telefoontje.

Dus misschien gebruik ik die oren wel als excuus.

Ik ging naar huis met het krachtige besluit om diezelfde middag nog alle verzorgingshuizen te bellen.

Dat deed ik.

En het werd een dikke #fail.

Nou ja, fail.

Ik leerde wel iets. Ik leerde dat bellen dus écht niet gaat.

Te vaak was de verbinding zo slecht dat ik drie, vier keer moest vragen om herhaling. Soms wel zeven keer. Namen van mensen die ik wel moest hebben, telefoonnummers, tijdstippen. Al die informatie kreeg ik maar amper bij elkaar. En intussen was ik bekaf, en was ik mijn eigen verhaal vergeten. Laat staan dat ik dat met enthousiasme kon brengen.

Even dacht ik dat ik op gaf, toen ik dit op gaf.

Maar dit is geen nederlaag. Dit is gewoon erkennen dat deze weg echt niet werkt.

Nu moet ik heel hard iets anders gaan doen. Want terugtrekken wil ik niet. Ik moet nu iets gaan doen om mijn lef uit te proberen. Zorgen dat ik niet terug zak.

Ik ga er gewoon langs, langs al die verzorginsghuizen, ziekenhuizen enz.

Ik ga mijn charme in de strijd gooien.

Er is maar één nadeel.

Dit is uitstel.

Want ik wil mijn flyer mee nemen, en die komt volgende week pas.

Ben ik aan het uitstellen?

Wat kan ik deze week dan wél doen, zodat ik niet terug zak?

Als jullie tips hebben hoor ik het graag.

Bijvoorbeeld over adressen die ik kan benaderen. Mijn thema’s staan hier.

Kaartjes kun je hier bestellen.

 

Op weg naar Carré. Een eerlijk verlag van alle pieken en dalen. Van alle overwinningen op mezelf, want daar zit mijn grootse vijand (en gelukkig ook mijn grootste kracht)

 

en wéér val ik met mijn neus in de boter: nieuwe CI’s

Ik heb als één van de weinige Nederlanders 2 CI ‘s.

Cochleaire Implantaten, waar ik weer mee kan horen (Zie hier)

Dat komt, omdat ik in een onderzoek mee doe aan het onderzoek naar effectiviteit van twee CI ‘s, ten opzichte van één.

Dat onderzoek is voor mij afgerond, en nu val ik weer met de neus in de boter.

Ik krijg een nieuwe spraakprocessor:

ci

 

Eigenlijk zou ik deze pas januari 2015 krijgen, ter vervanging van mijn oude, maar ik mag weer mee doen met een onderzoek. Dus krijg ik hem nu al.

Naast de draadloze verbinding (fijn voor mobieltjes en MP3’s), krijgt mijn versie een Google Translate module. Spraakherkenningssoftware samen met spraaktechnologie, zullen er voor zorgen dat alles direct realtime vertaald wordt.

Er zal een kleine vertraging in zitten. Dat betekent dat spraakafzien (liplezen) juist lastiger wordt. Maar daar was ik toch al niet goed in, zeker niet in het buitenlands, en natuurlijk helemaal niet in een taal die ik toch niet ken.

Voorlopig alleen Engels.

Jammer, want ik versta al Engels. Maar als het onderzoek goed verloopt, krijg ik meerdere modules, en kan ik dus straks met iemand praten die Spaans spreekt, of zelfs Chinees.

Ik ben dus vandaag in het ziekenhuis om de boel aan te sluiten en de eerste standaardtests te doen. En dan direct uitproberen.

Er is me verzekerd dat er met een nieuwe versie van Google Translate gewerkt wordt. Eentje die nog niet uit is. Ik hoop dat die een stuk beter is dan de huidige, want anders voorspel ik een spoedig einde van de test.

 

Ik maak theater, mét schrijftolk, én gebarentolk, én ringleiding. Gewoon in het Nederlands. Dus voor iedereen te volgen.

10 mei speel ik in Alkmaar.

Bestel je kaartje.