Paul Biegel

Ik wil jullie laten genieten van een schrijver die van kinds af aan al bij me is.

Paul Biegel.

Als kind genoot ik van zijn boeken waarin verschillende verhaallijnen op een bijzondere manier samen komen. Als grootste voorbeelden hiervan, De tuinen van Dorr, en de Twaalf rovers.

Als vader genoot ik van de taal. Geen enkele schrijver leest zo lekker voor als Biegel. Zijn taal zingt.

Voorbeeld uit Nachtverhaal.

Een huiskabouter die erg op orde en regelmaat gesteld is raakt van slag als een Fee op bezoek komt. De huiskabouter vergeet zelfs zijn rondes te doen door het huis waar hij voor zorgt. Hij probeert niet aan de Fee te denken.

Maar dat hielp niet. Want niet aan de fee is evenveel fee als wel aan de fee.

De fee is op zoek naar de dood, iets dat zij als sprookjesfiguur niet kent. Ingegeven door een ontmoeting met een stervende Hommel. Die haar vertelt dat ondanks de dood alles doorgaat, vanwege de nakomelingen.

Ik ben de hele tijd bij de hommel blijven zitten wachten.  Op de nakomelingen. Maar er kwamen er geen.

Nee, zei de kabouter, wiedes niet. Zo werkt dat niet.

“en ik vroeg het de anderen in mijn Rijk wat het was: de dood en de nakomelingen, maar ze lachten en sprongen en dansten en jansten en niemand kon het wat schelen. Maar ik dacht: het heeft natuurlijk te maken met wat we niet hebben, en ik wou ook dood.”

“Psa!”, zei de kabouter.

“En ik wou nakomelingen.”

“Welja”, riep de kabouter. “In de verkeerde volgorde ook nog.”

 

Wat een geluk dat ik vier kinderen heb. Wat heb ik veel kunnen voorlezen.

One thought on “Paul Biegel”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

CommentLuv badge